Bart, Azzadine en Alvin, even geen eerste elftal: drie trainers over een seizoen zonder dug-out
- 10 aug
- 11 minuten om te lezen
Terwijl op vrijwel ieder trainingsveld in de regio de voorbereiding inmiddels in volle gang is, beleven Bart Vos, Azzadine el Harchaoui en Alvin Veldhuizen een heel andere zomer. Geen eerste elftal onder hun hoede en dus ook geen voorbereiding waarin alles om trainingen, oefenwedstrijden en het samenstellen van een ploeg draait. Drie ervaren trainers en kampioenenmakers die het voetbal dit seizoen vanuit een andere positie bekijken.
Of dat bij alle drie een bewust gekozen sabbatical is, ligt genuanceerder. De één koos er nadrukkelijk voor, bij de ander liepen de plannen anders en soms kwam simpelweg niet de juiste club voorbij.
Voetbal Midden Nederland was vooral benieuwd naar wat er daarna gebeurt. Hoe bevalt het wanneer de voetbalagenda ineens een stuk leger is? Waar gaat alle tijd naartoe die normaal in een eerste elftal wordt gestoken? En misschien nog belangrijker: geeft het rust of begint het alweer te knagen nu overal de voorbereiding is begonnen?
We legden Bart Vos, Azzadine el Harchaoui en Alvin Veldhuizen exact dezelfde vragen voor.

Na jaren waarin jullie agenda werd bepaald door trainingen, wedstrijden, spelersgesprekken en alles wat daarbij komt kijken, beleven jullie nu een seizoen zonder eerste elftal. Was dit een bewuste keuze om even afstand te nemen of kwam simpelweg de juiste club, het juiste gevoel of de juiste klik niet voorbij? Hoe ervaren jullie deze periode tot nu toe?
Bart:
“Na zeven jaar Eemnes en al die jaren waarin ik vol voor een selectieteam ben gegaan, vond ik het eigenlijk wel mooi geweest. Als de resultaten goed zijn, geeft dat natuurlijk ook energie. Afgelopen seizoen ging het allemaal wat moeizamer en dan wordt het ook lastiger.
Ik heb wel getwijfeld om naar een andere club te gaan en er is ook weleens een gesprek geweest. Maar ik ben daarin eerlijk naar mezelf: ik pas niet bij iedere voetbalclub. Er moet voor mij wel een bepaalde klik zijn.
Voorlopig bevalt deze periode me goed. Die verplichtingen zijn er even niet en dat geeft toch een ontspannen gevoel.”
Azzadine:
“Na twintig jaar als trainer voelde ik dat nu het moment was gekomen om er even tussenuit te knijpen. Dat heb ik in december besloten, nadat ik er heel goed over had nagedacht. Ik heb dat ook zo gecommuniceerd naar Elinkwijk en mijn omgeving, juist om niet in de verleiding te komen om alsnog ergens op gesprek te gaan.
Even wat minder verplichtingen en afstand nemen heeft veel voordelen. Natuurlijk mis ik het gezoem van een voorbereiding en de contacten met spelers en staf, maar dat komt ook omdat ik nog maar net gestopt ben.
We zitten bovendien nog midden in de vakantieperiode en dit bevalt goed. Hoe het straks gaat wanneer de drukkere periode aanbreekt en ik merk dat ik minder verplichtingen heb, gaan we nog zien.”
Alvin:
“Bij SV Zeist had ik al vroeg aangegeven dat ik na drie seizoenen zou stoppen, omdat ik volledig voor de VC4-cursus (UEFA A) wilde gaan en daarbij stage wilde lopen bij een divisieclub. Eigenlijk ging ik ervan uit dat ik toegelaten zou worden, maar helaas kreeg ik eind januari te horen dat dit niet het geval was.
Ik kreeg het advies om eerst een seizoen ervaring op te doen als assistent-trainer op divisieniveau. Eind januari nog een nieuwe club vinden is lastig, want de meeste clubs zijn dan al voorzien. Hoewel er wat interesse was, zat er voor mij geen club bij waar ik een goed gevoel bij had.
Ik stap niet zomaar ergens in om maar een club te trainen. Dan leek een sabbatical me ook wel lekker. Zeker omdat ik al ruim 25 jaar achtereen trainer ben geweest, zonder ook maar een training of wedstrijd over te slaan. Nu is er even wat meer tijd voor het gezin en kunnen we wat vaker een weekendje weg.”
Jarenlang stond een groot gedeelte van jullie week in het teken van voetbal. Waar steken jullie die vrijgekomen tijd en energie nu vooral in? Is er meer ruimte voor gezin, vrienden, hobby's of misschien juist andere kanten van het voetbal?
Bart:
“De afgelopen jaren draaide natuurlijk heel veel om het eerste elftal en om voetbal. De dinsdag, donderdag en zaterdag stonden eigenlijk standaard vast. Wilde je iets met familie of vrienden doen, dan moest je altijd rekening houden met die voetbalverplichtingen.
Nu heb ik veel meer vrijheid. Je kunt wat vaker naar familie, een keertje thuis op de bank blijven zitten of spontaan iets anders doen.
Ik ga nu ook lekker vanaf de zijlijn naar het voetbal kijken en met name naar mijn zoon. Daar heb ik nu veel meer tijd voor. Dat zijn dingen waar je als trainer toch minder makkelijk aan toekomt. Die verplichting is er nu even af en dat geeft een ontspannen gevoel.”
Azzadine:
“Ik ben nog niet gaan kunstschilderen of zo, dus ik moet nog verder ontdekken waar ik mijn energie in kwijt kan, haha.
Op voetbalgebied had ik de afgelopen jaren weinig tijd om andere wedstrijden of trainingen te bekijken en dat kan ik nu vaker gaan doen. Voor mezelf vind ik het leuk om me verder te verdiepen en andere inzichten op te doen.
Daarnaast kan ik weer wat vaker naar FC Utrecht en wedstrijden van Real Madrid meepakken. Er blijft dus zeker voetbal in mijn leven, alleen kan ik nu veel meer zelf bepalen waar en wanneer.”
Alvin:
“Bij mij staat het eigenlijk nog steeds grotendeels in het teken van voetbal. Mijn zoontje gaat komend seizoen bij SV Zeist in de JO11-1 spelen en daar ben ik trainer van.
Verder zijn we met onze 1v1 Academy druk bezig om nieuwe stappen te zetten. Behalve dat het niveau van de trainingen en daarmee ook van de spelers zichtbaar omhooggaat, willen we de spelers internationale ervaring laten opdoen. We gaan in Duitsland toernooien spelen tegen profclubs uit heel Europa.
Ondertussen ben ik ook bezig met online cursussen van een Spaanse voetbalorganisatie. Dat gaat bijvoorbeeld over het opstellen en verbeteren van een game model en het verder verdiepen in tactische situaties op zowel individueel als teamniveau. Het is prettig dat ik daar nu tijd voor kan reserveren.
Uiteraard zijn er ook plannen om met het gezin wat vaker een weekendje weg te gaan. Dat is een voordeel wanneer je in de weekenden minder verplichtingen hebt.”
Veel mensen zien vooral de trainingen en wedstrijden, maar het werk van een hoofdtrainer gaat veel verder. Spelersgesprekken, analyses, overleg, telefoontjes, appjes en alles rondom een selectie lopen de hele week door. Wordt onderschat hoeveel tijd en energie het trainerschap daadwerkelijk vraagt?
Bart:
“Ik denk zeker dat veel mensen niet weten hoeveel tijd er daadwerkelijk in het trainerschap zit. Het zijn niet alleen die drie keer anderhalf uur op het veld. Dat is maar het topje van de ijsberg en misschien zelfs het gedeelte dat de minste tijd in beslag neemt.
Je moet trainingen voorbereiden, wedstrijden analyseren, nieuwe trainingen maken, telefoongesprekken voeren en overleggen met je staf, het bestuur en natuurlijk de spelers. Als je alles bij elkaar optelt, denk ik dat je met de trainingen en alle randzaken al snel tussen de tien en twaalf uur per week bezig bent.
Veel van het werk van een trainer gebeurt dus op momenten waarop anderen het helemaal niet zien. Het houdt niet op wanneer je na een training het licht op het veld uitdoet.”
Azzadine:
“De meeste trainers zullen denk ik wel beamen dat je een vakidioot moet zijn om deze rol goed in te vullen. Er gaat inderdaad veel tijd zitten in gesprekken met de verschillende lagen binnen een club. De gesprekken met spelers vind ik het leukst, omdat die meestal ook directe meerwaarde op het veld hebben.
De trainingsuren staan vast en ik ben een trainer die graag wat langer doortraint. Ik wil zoveel mogelijk netto tijd in de trainingen stoppen en probeer mijn aanwijzingen vooral al coachend te geven. Stopmomenten gebruik ik met name aan het begin van het seizoen.
Daarnaast heb je de analyses, gesprekken en besprekingen en dat gaat eigenlijk de hele week door. Met WhatsApp heb je bovendien een laagdrempelig middel om ook op niet-trainingsdagen één-op-één met spelers te communiceren.
Om het in percentages uit te drukken vind ik lastig. Afgelopen seizoen speelden we door het bekersucces en de Domstad Cup veel wedstrijden. Daar kwamen steeds analyses en voorbereidingen bij kijken. Eigenlijk waren we iedere dag wel met elkaar aan het communiceren.”
Alvin:
“Ik denk inderdaad dat veel mensen onderschatten hoeveel tijd erin gaat zitten. Zeker wanneer je continu op zoek bent naar verbetering. Dat kost tijd en eigenlijk ben je nooit klaar. Een trainer is een eeuwige student.
Naast de vaste wekelijkse werkzaamheden, zoals het analyseren van onze eigen wedstrijden en de komende tegenstander, het maken van een wedstrijdplan en het voorbereiden van trainingen, zit vooral het reilen en zeilen rondom je team continu in je hoofd.
Het is lastig om dat in percentages uit te drukken, maar je bent sowieso veel meer tijd kwijt buiten het veld dan op het veld. Eigenlijk is het een parttimebaan. Wat het natuurlijk leuker maakt, is dat het tegelijkertijd ook je hobby is.”
Nu de voorbereidingen overal in volle gang zijn en de eerste competitiewedstrijden dichterbij komen: begint het alweer te kriebelen? Of is het juist prettig om eens naar het voetbal te kijken zonder zelf verantwoordelijk te zijn voor het resultaat?
Bart:
“Op dit moment mis ik de trainingen en de voorbereiding eigenlijk nog niet. Ik vind het juist lekker om vanaf de kant naar het spelletje te kijken, zonder dat ik degene ben die verantwoordelijk is voor de resultaten.
Ik ben natuurlijk ook pas net gestopt, dus misschien verandert dat gevoel nog. Voorlopig geniet ik vooral van de vrijheid die ik nu heb. Ik kan mijn tijd veel makkelijker zelf indelen en veel vaker andere dingen doen zonder steeds rekening te hoeven houden met trainingen, wedstrijden of andere voetbalverplichtingen.
Dat bevalt me op dit moment eigenlijk prima.”
Azzadine:
“Ja, natuurlijk kriebelt het. Tegelijkertijd is het ook even lekker om zelf te bepalen wat ik met mijn tijd doe en waar en wanneer ik een wedstrijd ga bekijken.
Iedereen om me heen gelooft niet dat ik dit ga volhouden, haha. Maar die afstand is op dit moment gewoon even lekker. Er lopen genoeg oud-spelers van mij op de velden rond bij wie ik een kijkje kan nemen en met wie ik een praatje kan maken.
Het is dus zeker niet zo dat er helemaal geen voetbal meer in mijn leven is. Maar zoals gezegd: het is wel even lekker dat je niet geleefd wordt door de voetbalagenda en zelf kunt bepalen hoe je je tijd invult.”
Alvin:
“Om heel eerlijk te zijn dacht ik daar twee maanden geleden nog anders over. Lekker die rust, even afstand en niets hoeven regelen. Maar nu iedereen aan de voorbereiding is begonnen, merk ik dat ik het nu al mis en dat het inderdaad begint te kriebelen.
Het plannen van een voorbereiding, het langzaam inslijpen van een speelwijze en het op het veld staan met een spelersgroep: dat is toch wel heel erg leuk.
Ik kijk er tegelijkertijd naar uit om nu eens wat vaker bij clubs in de regio lekker langs de kant te staan en de leuke wedstrijden eruit te pikken. Ik kijk bijvoorbeeld nu al erg uit naar de derby tussen SV Zeist en Jonathan.”
Het trainersvak blijft onvoorspelbaar. Stel dat er komende winter een club aanklopt die zonder trainer komt te zitten. Hoe groot is dan de verleiding om weer in te stappen? Of moeten club, moment en situatie echt kloppen voordat jullie weer aan een nieuwe klus beginnen?
Bart:
“Op dit moment mis ik het trainerschap niet, maar zoals gezegd: ik ben pas net gestopt. Als het straks weer begint te kriebelen en er zou bijvoorbeeld in de winterstop een leuke club voorbijkomen, dan sta ik er zeker voor open om eens te gaan praten.
Maar ik stap niet zomaar ergens in. Ook dan geldt voor mij dat er een klik moet zijn met die club. Ik weet inmiddels van mezelf dat ik niet bij iedere vereniging pas.
Het gevoel moet goed zijn en de club moet bij mij passen.”
Azzadine:
“In principe heb ik altijd selectief gekeken en mijn keuzes bewust gemaakt voordat ik bij een club tekende. Je moet het altijd doen met de informatie die je op dat moment hebt. Daarin kun je later weleens teleurgesteld raken, maar juist ook heel positief verrast worden. Dat blijft ook het mooie en uitdagende van werken bij een amateurclub.
Of ik ergens instap wanneer die mogelijkheid zich gedurende het seizoen voordoet? Dat weet ik oprecht niet.
Ik wil nu eerst ervaren hoe deze periode zonder club mij bevalt. Daarna zien we wel verder.”
Alvin:
“Het zit niet in de planning om gedurende het seizoen ergens in te stappen. Alleen als er een club voorbijkomt waarvan ik denk: die kan ik op dit moment echt niet laten lopen. Maar dan in ieder geval niet als tussenpaus.
Ik ben inderdaad wel wat selectiever geworden, maar het maakt mij niet uit of mijn volgende club een tweedeklasser is of een derdeklasser met potentie.
Aan het einde van het jaar en begin volgend jaar zullen de clubs weer gesprekken gaan voeren met trainers voor het nieuwe seizoen. Dan hoop ik dat er voor mij iets moois voorbijkomt.”
Jullie hebben inmiddels de nodige ervaring als trainer opgebouwd. Waar liggen de ambities voor de toekomst? Blijft het hoofdtrainerschap trekken of zou een andere functie binnen het voetbal ook interessant kunnen zijn?
Bart:
“Als ik in de toekomst weer op het veld sta, zou ik graag opnieuw als hoofdtrainer van een eerste elftal aan de slag gaan. Een mooie topclub in de derde klasse zou interessant zijn, maar ik zou ook graag een keer de stap naar de tweede klasse maken.
Aan de andere kant sluit ik een andere route zeker niet uit. Als er een mooie club uit de divisies voorbijkomt, zou ik er ook over nadenken om daar als assistent-trainer aan de slag te gaan. Het lijkt me interessant om dat eens mee te maken en te zien hoe het er op dat niveau aan toegaat.
Maar welke mogelijkheid er ook voorbijkomt, uiteindelijk blijft voor mij hetzelfde gelden: de club en de mensen moeten bij me passen en er moet een klik zijn. Pas dan wordt het voor mij interessant om weer ergens in te stappen.”
Azzadine:
“Zoals ik al aangaf, wil ik de komende tijd eerst ervaren hoe deze periode mij bevalt en mezelf op verschillende vlakken verder verrijken.
Ik heb een aanbod gekregen om bij een grote club mee te kijken op technisch-directeurniveau en te proeven of dat misschien iets voor mij zou zijn. Daar denk ik over na. Verder laat ik het voorlopig gewoon op me afkomen.
Als dit leven zonder trainerschap me allemaal heel goed bevalt, kan het zelfs zo zijn dat ik helemaal niet terugkeer op het veld, maar vooral langs het veld te vinden ben.
Of misschien wel als VMN-analist, haha.”
Alvin:
“Op korte termijn wil ik in ieder geval nog een aantal jaren hoofdtrainer zijn bij een club in de tweede of derde klasse. Daarna wil ik toch de stap zetten om mijn VC4-papieren te halen en mee te kijken bij een divisieclub.
Met mijn huidige papieren mag ik niet hoger trainen dan de tweede klasse en ik weet dat dat niveau niet mijn plafond is. Waar dat plafond dan wel ligt, wil ik graag ondervinden. Maar daarvoor heb ik dus eerst dat papiertje nodig.
Een andere rol binnen het voetbal zou in de toekomst bijvoorbeeld Hoofd Jeugdopleiding bij een grote vereniging kunnen zijn. Maar dan wel fulltime. Als je die functie goed wilt uitvoeren, gaat daar zoveel tijd in zitten dat je dat er niet zomaar even bij kunt doen.
Het lijkt me mooi om binnen een club een structuur op te bouwen van de jongste tot en met de oudste jeugd, zodat er uiteindelijk zo compleet mogelijke voetballers worden afgeleverd bij het eerste elftal.
Bij veel clubs ontbreekt die doorgaande lijn nog. Je ziet eilandjescultuur en verenigingen zijn soms te afhankelijk van individueel goede trainers. Ook worden niet alle leeftijdscategorieën overal even serieus genomen. Juist daar valt volgens mij nog veel winst te behalen.”
Drie trainers, drie verschillende sabbaticals!!
Wat de drie wél gemeen hebben, is dat de deur naar het trainersvak nergens definitief wordt dichtgetrokken. Daarvoor hebben Vos, El Harchaoui en Veldhuizen waarschijnlijk ook te veel mooie jaren langs de lijn meegemaakt.
Drie ervaren trainers, drie kampioenenmakers en voor even drie toeschouwers.
Hoe lang dat laatste zo blijft?
De voetbalwereld kennende zou zomaar ergens gedurende het seizoen een telefoon kunnen gaan rinkelen.



Opmerkingen