top of page

Willem Looijen(DVSA), teammanager aan het woord.

9 okt
10 minuten om te lezen

Kruisbandblessure zet trainersambities Willem Looijen bij DVSA voorlopig in de wacht

Al tien jaar is Willem Looijen een vertrouwd gezicht bij DVSA. Wat ooit begon als voetballen met vrienden, groeide uit tot een grote betrokkenheid bij de club. Inmiddels is de 26-jarige Ameronger teammanager én assistent bij het eerste elftal. Een dubbelrol die hem op het lijf geschreven is. Hoewel een vervelende kruisbandblessure zijn eigen voetbalplannen voorlopig in de ijskast heeft gezet, zit Willem bepaald niet stil. Van het reilen en zeilen rondom de selectie tot zijn ambities als toekomstig trainer: Willem vertelt openhartig over zijn rol, zijn liefde voor het voetbal en wat DVSA voor hem zo bijzonder maakt. En natuurlijk ontbreekt de nodige humor niet!

Stel jezelf even voor.


“Zeker, ik zal mezelf even voorstellen! Mijn naam is Willem Looijen, ik ben 26 jaar oud en woon samen met mijn partner in het mooie Amerongen. In het dagelijks leven ben ik adviseur openbare verlichting bij een grote leverancier.


Je bent teammanager van DVSA. Wat houdt dat eigenlijk in, behalve zorgen dat iedereen op tijd op de juiste plek staat?


“Ook ervoor zorgen dat iedereen altijd en overal op tijd is, is soms al een opgave op zich!

Dit jaar combineer ik de rol van teammanager met die van assistent van Eelke de Waal en Pieter van Grift, onze hoofdtrainer en assistent-trainer van DVSA 1.

Mijn taak als teammanager bestaat onder andere uit het zorgen dat alles voor de training klaarstaat en het helpen om de training in goede banen te leiden.

Op zaterdag zorg ik ervoor dat alles rondom de wedstrijd geregeld is. Denk hierbij aan het klaarzetten van de spullen, het ontvangen van de tegenstander en de scheidsrechter, het opstellen van de camera en het mede verzorgen van de warming-up.”


Hoe ben je bij DVSA terechtgekomen en hoe lang loop je hier inmiddels rond?


“Ik ben dit seizoen precies tien jaar bij de club. In de jeugd voetbalde ik altijd bij onze groene buren, De Musketiers. Daar ben ik op mijn zestiende gestopt, omdat ik het voetballen niet meer kon combineren met werk en studie.

Nadat ik ongeveer een jaar niet had gevoetbald, werd ik door een aantal vrienden gevraagd om bij een vriendenteam van DVSA te komen spelen. Die keuze was eigenlijk snel gemaakt, mede omdat mijn opleiding inmiddels was afgerond en ik het voetballen toch wel begon te missen.

Uiteindelijk ben ik dus via mijn vrienden bij DVSA terechtgekomen. Wat begon als voetballen in een vriendenteam, is inmiddels uitgegroeid tot veel meer.

Ik loop hier nu tien jaar rond en ben naast het voetballen steeds meer betrokken geraakt bij de club. Inmiddels ben ik onder andere teammanager en assistent bij het eerste elftal, waardoor DVSA echt een groot onderdeel van mijn leven is geworden.”


Wat vind je het leukste aan jouw rol rondom het eerste elftal?


“Het leukste aan mijn rol is toch wel om samen bezig te zijn met de leukste hobby en sport die er is.

We zijn het seizoen sportief gezien helaas iets minder goed begonnen dan gehoopt, maar juist dan is het mooi om met elkaar de sfeer goed te houden en te focussen op de dingen die wél goed gaan.

Omdat ik dit jaar een beetje een dubbelrol heb, ook als assistent, ben ik niet alleen organisatorisch bezig, maar houd ik me ook meer met het voetbal zelf bezig.

Binnen de staf overleggen we veel: wat zien we, wat gaat er goed en wat kan er beter?

En laten we eerlijk zijn: praten en hardop met elkaar discussiëren over voetbal is toch wat we allemaal het liefste doen?”


Een teammanager ziet en hoort natuurlijk alles. Ben jij vooral regelaar, vertrouwenspersoon of af en toe ook politieagent?


“Haha, ik ben absoluut geen politieagent!

Nee, ik denk dat ik vrij makkelijk benaderbaar ben. Dat is tenminste wel wie ik wil zijn. Volgens mij heb ik met iedereen uit het team een goede band.

We zijn gelukkig een club en een team waar iedereen zich durft uit te spreken als iemand ergens iets van vindt of ergens mee zit.

Samen met Eelke en Pieter zorgen we ervoor dat qua voorbereiding alles geregeld is. We willen niets aan het toeval overlaten. Of het nu gaat om materiaal, spelers of tactiek: we willen alles vooraf goed geregeld hebben.”


Wat is iets wat er achter de schermen bij DVSA gebeurt waar supporters eigenlijk geen idee van hebben?


“Ik denk dat dit iets is wat bij veel verenigingen speelt, maar waar supporters en leden soms niet bij stilstaan: hoeveel mensen er vrijwillig tijd en energie in de club steken.

Ook bij DVSA draait ontzettend veel op vrijwilligers. Van de mensen achter de bar en de jeugdtrainers tot de sponsor- en toernooicommissie en de clubscheidsrechters.

Er zijn ontzettend veel mensen die ervoor zorgen dat alles iedere week weer kan draaien, vaak zonder dat daar veel aandacht voor is.

Veel van die dingen worden al snel als vanzelfsprekend gezien, terwijl dat natuurlijk helemaal niet zo is.

Juist al die vrijwilligers zorgen ervoor dat wij iedere zaterdag kunnen voetballen, dat de jeugd kan trainen en dat er überhaupt een club is waar iedereen graag naartoe komt.

Ik denk dat we daar als club best wat vaker bij stil mogen staan en onze waardering voor al die vrijwilligers mogen uitspreken. Want zonder hen zou DVSA simpelweg niet kunnen bestaan.”


Je wilde beginnen aan de VC2-opleiding, maar een kruisbandblessure gooide roet in het eten. Hoe zuur was dat? En misschien nog belangrijker: hoe krijg je het als teammanager voor elkaar om zelf geblesseerd te raken?


“Yup… dat klopt. En ja, dat was enorm zuur!

We hadden bij de club een 7-tegen-7-toernooi en in de eerste wedstrijd van het toernooi gebeurde het al. Ik heb nog geprobeerd om door te spelen, maar dat ging helaas niet.

Na de MRI-scan, toen ik de uitslag kreeg, baalde ik daar wel even flink van. Ik denk dat ik die avond thuis niet de gezelligste ben geweest en ik ben er eerlijk gezegd een paar dagen behoorlijk chagrijnig over geweest.

Je weet dan ook meteen dat je voorlopig niet kunt doen wat je het liefst doet.

Ik wist eigenlijk ook direct dat de VC2-opleiding even een pas op de plaats moest maken. Met het herstel ben ik nog wel even bezig en ik wil daar uiteindelijk gewoon weer goed en fit uitkomen.

De opleiding loopt niet weg, dus die komt daarna wel weer.”


Was die VC2-opleiding vooral bedoeld om jezelf verder te ontwikkelen, of heb je stiekem ambities om ooit zelf voor de groep te staan?


“Ik denk eigenlijk dat beide wel van toepassing zijn.

Aan de ene kant wilde ik beginnen met de VC2-opleiding omdat ik mezelf verder wil ontwikkelen binnen het voetbal. Niet alleen in het trainen en begeleiden van spelers, maar ook in het beter leren zien en begrijpen van het spel.

Waarom maken we bepaalde keuzes? Wat zie je tijdens een wedstrijd en hoe kun je daar als staf op inspelen? Dat vind ik ontzettend interessant.

Aan de andere kant zou ik liegen als ik zeg dat het me niet leuk lijkt om ooit zelf voor een groep te staan.

Ik vind het mooi om met een team bezig te zijn en na te denken over hoe je spelers en een team beter kunt maken.

Maar voorlopig ben ik vooral lekker bezig als assistent en wil ik daar de komende jaren veel van leren.

Ik hoef niet morgen ineens hoofdtrainer te zijn. Eerst maar zorgen dat ik zelf steeds beter word en wie weet waar dat uiteindelijk toe leidt.”


Heeft die blessure je kijk op spelers die met blessures aan de kant staan veranderd?


“Nee, niet zozeer mijn kijk op spelers die met een blessure aan de kant staan.

Wel ben ik me veel bewuster geworden van de impact die een blessure kan hebben, zeker als je een relatief zware blessure hebt en er maanden uit ligt.

Vooral het missen van het voetbal zelf heb ik vooraf onderschat. Je bent normaal gesproken iedere week met je team bezig en ineens valt dat allemaal weg.

Je mist niet alleen het voetballen, maar ook de trainingen, de wedstrijden en vooral het samen bezig zijn met je teamgenoten.

Daardoor snap ik nu veel beter dat andere spelers die langere tijd geblesseerd zijn geweest, dat waarschijnlijk ook zo hebben ervaren.

Je denkt er vooraf misschien wat makkelijker over, maar als je er zelf ineens middenin zit, merk je pas hoeveel het voetbal eigenlijk voor je betekent.”


Wanneer kunnen we de comeback verwachten? En moeten de spelers van DVSA zich dan alvast zorgen maken over een toekomstige trainer Looijen?


“Ik hoop volgend seizoen weer een keer mee te kunnen doen als speler bij ons tweede elftal.

Dit seizoen ga ik dat denk ik niet meer redden, maar ik heb goede hoop dat ik volgend seizoen weer op het veld kan staan.

Trainer Looijen… ja, wie zal het zeggen? Ooit!”

“Voorlopig staan we er qua trainers goed voor. Met Pieter voor nu en Eelke voor de komende jaren hebben we volgens mij een mooie basis om als eerste elftal en als club verder te bouwen.

Ik hoop daar de komende jaren ook mijn steentje aan bij te kunnen dragen. Eerst als assistent en hopelijk nog jarenlang samen met Eelke verder bouwen aan het team.

En wie weet wat de toekomst brengt… misschien komt die trainer Looijen er ooit nog wel.”


Wie binnen DVSA zou volgens jou absoluut nooit teammanager mogen worden, en waarom?

“Oeh, goede vraag!


Ik denk eigenlijk niet dat er iemand is die het absoluut niet zou mogen worden.

Het is een mooie taak en zeker in de dubbelrol die ik dit jaar heb, waarbij je echt onderdeel bent van het team, vind ik het een leuke en waardevolle rol.

Ik zou de rol eigenlijk iedereen aanraden die houdt van sociaal contact, graag betrokken is bij het team en het leuk vindt om ervoor te zorgen dat de puntjes op de i staan.

Je bent veel met mensen bezig en krijgt tegelijkertijd veel mee van wat er binnen en rondom het team gebeurt.

Natuurlijk moet je er wel een beetje tegen kunnen dat je soms achter de schermen drukker bent met regelen dan met zelf voetballen.

Maar als je het leuk vindt om betrokken te zijn en iets voor het team en de club te betekenen, is het wat mij betreft een hartstikke mooie rol.”


Wie is in de kleedkamer het meest serieus en wie moet je juist regelmatig een beetje afremmen?


We hebben eigenlijk een hele mooie mix van verschillende types in het team.

Je hebt de echte vechters, harde werkers, creatieve spelers, wat meer uitgesproken jongens en natuurlijk de leiders binnen de groep.

Maar daartegenover staan ook spelers die wat meer op de achtergrond blijven en minder snel het woord nemen.

Ik denk juist dat die verschillen de kracht van dit team zijn. Uiteindelijk zijn het allemaal jongens die gedreven zijn en graag willen winnen, maar iedereen doet dat op zijn eigen manier.

Je hebt dus niet alleen maar elf dezelfde types op het veld staan.

Dat zie je eigenlijk ook terug in onze staf. Daar komen tactiek, ervaring en een flinke dosis winnaarsmentaliteit mooi samen.

Iedereen kijkt vanuit zijn eigen rol en ervaring naar het voetbal en juist die verschillende inzichten maken ons als staf en selectie sterker.

En als ik dan toch iemand moet noemen die graag het woord pakt: onze aanvoerder is daar zeker niet vies van!

Die probeert de hele groep mee te krijgen in zijn verhaal. Maar dat is juist mooi. Hij neemt zijn verantwoordelijkheid en probeert de jongens echt mee te krijgen.”

Wat is voor jou een typische ‘dit kan ook alleen bij DVSA’-situatie?


“Ik denk dat bij DVSA eigenlijk alles kan!

Een feest, muziek of een actie in de kantine die op maandag nog helemaal niet op de planning staat, kan op zaterdag ineens gewoon geregeld zijn.

En het mooie is: op de een of andere manier wordt het dan ook nog een succes.

Vaak begint het met: ‘Zullen we dit doen?’ En voordat je het weet, is het zaterdag, staat de muziek aan, zit de kantine vol en is iedereen bezig om er samen iets moois van te maken.

Op het moment dat het nodig is, staat iedereen op en helpt iedereen mee om ervoor te zorgen dat het goed komt.

Dat vind ik echt typisch DVSA.

Soms vraag je je op vrijdag nog af hoe we dit allemaal voor elkaar gaan krijgen, maar uiteindelijk staat het er gewoon.

En dan denk je achteraf: hoe hebben we dit eigenlijk weer gedaan?”


Als je één ding aan het Nederlandse amateurvoetbal mocht veranderen, wat zou dat zijn?


“Als ik één ding aan het Nederlandse amateurvoetbal mocht veranderen, dan zou ik denk ik beginnen bij de clubgrensrechters.

Als neutrale toeschouwer is het op de lagere niveaus soms echt een genot om te zien.

Je hebt jongens die de hele wedstrijd fanatiek langs de lijn staan en bij wie je je soms afvraagt of ze wel naar dezelfde wedstrijd kijken als de rest.

En eerlijk is eerlijk: soms werkt het in je voordeel en soms werkt het behoorlijk tegen je.

Dat hoort ook wel een beetje bij het amateurvoetbal en uiteindelijk moet je er ook om kunnen lachen.

Maar het is wel een van mijn grootste doorns in het oog. Zeker als je het gevoel hebt dat een grensrechter toch nét wat anders naar een buitenspelmoment kijkt wanneer het zijn eigen club betreft.”


Stel dat je kruisband morgen weer 100% is en je direct met VC2 kunt beginnen. Waar hoop je dan over vijf jaar op voetbalgebied te staan?


“Eigenlijk wijkt mijn beeld over vijf jaar niet eens zoveel af van hoe ik het nu voor me zie.

Ik hoop vooral dat ik dan nog steeds lekker met voetbal bezig ben bij DVSA.

Hopelijk kan ik dan af en toe nog een wedstrijdje meepakken bij het tweede elftal. Maar als dat niet meer lukt, vind ik het ook mooi om binnen de staf of langs de zijlijn betrokken te zijn.

Gewoon lekker met voetbal bezig zijn, met vrienden en bekenden uit het dorp eromheen. Dat is voor mij eigenlijk waar het om draait.

En wie weet sta ik over vijf jaar op zaterdagochtend wel met mijn eigen kleine bij de kabouters te trainen, om daarna door te gaan naar het eerste.

Dat zou ik eigenlijk ook wel een heel mooi beeld vinden.”


Willem, hartelijk dank voor dit interview. Het laatste woord is aan jou…


“Ik vond het in ieder geval erg leuk om dit interview te doen en eens wat meer te vertellen over mijn rol binnen DVSA en wat de club voor mij betekent.

Ik wil iedereen binnen en rondom het voetbal een mooi en sportief seizoen wensen.

Voor ons als eerste elftal hoop ik natuurlijk dat we onze ambities dit seizoen waar kunnen maken en dat we met elkaar nog mooie momenten mogen beleven.

En voor iedereen die dit leest: kom vooral een keer naar ons sportpark!”


Robyn de Boer

Exclusief voor VMN


Opmerkingen


bottom of page