top of page

Sander Klarenbeek(Kockengen), speler aan het woord

  • 23 jul
  • 5 minuten om te lezen

Na twintig jaar De Vecht is Sander Klarenbeek klaar voor een nieuw hoofdstuk: ‘Ik vind het spelletje nog veel te leuk om te stoppen’

Na twintig jaar selectievoetbal bij SV De Vecht begint Sander Klarenbeek komend seizoen aan een nieuw hoofdstuk. De 35-jarige doelman maakt de overstap naar Kockengen, nadat het eerste elftal van De Vecht noodgedwongen ophield te bestaan. Met een promotie naar de tweede klasse als één van zijn mooiste herinneringen, talloze wedstrijden onder de lat en vooral veel vriendschappen kijkt Klarenbeek met trots terug op zijn tijd bij de club. Tegelijkertijd begint hij met gezonde nieuwsgierigheid aan zijn nieuwe uitdaging. Want hoewel het fanatisme door de jaren heen wat is afgenomen, is één ding onveranderd gebleven: Sander Klarenbeek staat nog altijd graag tussen de palen.

Stel jezelf eens voor…


“Ik ben Sander Klarenbeek, 35 jaar oud. Ik woon in Loenersloot met mijn vriendin. Ik heb mijn hele voetballeven bij SV De Vecht gespeeld en ga komend seizoen bij Kockengen voetballen.”


Twintig jaar selectievoetbal bij De Vecht… als je één wedstrijd opnieuw zou mogen beleven, welke kies je dan?


“Dan kies ik voor de finale van de nacompetitie tegen FC Hilversum, voor promotie naar de tweede klasse in 2015. Tijdens die hele serie nacompetitiewedstrijden viel alles goed voor ons en was de sfeer in de groep top. Met als slotstuk de winst op FC Hilversum over twee wedstrijden.”


Welke redding staat nog altijd op je netvlies?


“Er staan niet heel veel reddingen meer op mijn netvlies. Ik kan me nog wel een afstandsschot tegen FC Aalsmeer herinneren dat onderweg werd aangeraakt en dat ik nog net onder uit de hoek kon redden. En verder is het altijd leuk om een strafschop tegen te houden als je uiteindelijk de wedstrijd met minimaal verschil wint.”

Was jij als keeper vooral een rustige leider of juist een schreeuwende coach?


“Ik ben vooral een té schreeuwende coach. Ik probeer alles altijd wel neer te zetten, maar als het niet loopt, kan het soms een beetje te veel worden.”


Wie was de lastigste spits die je ooit tegenover je hebt gehad?


“Sercan Öztürk van FC Hilversum en Jesse van Huisstede van VV Nederhorst vond ik erg goed. Nu mis ik nog wel een aantal goede spitsen, ben ik bang.”


Hoe kwam het nieuws binnen dat het eerste elftal zou stoppen?


“Het zat er eigenlijk al een tijdje aan te komen. Het is al een aantal jaar een uitdaging om een elftal op de been te houden en toen rond de winterstop een aantal bepalende spelers hadden aangegeven te stoppen, werd het wel heel erg moeilijk. We hebben nog lang gewacht om te kijken of er toch nog iets haalbaar was, maar dat was helaas niet mogelijk. Met name voor de club is het zonde.”

Was stoppen met voetballen ooit een serieuze optie, of wist je meteen dat je door wilde?


“Ik heb heel even gedacht om ook te stoppen. Omdat het steeds moeilijker werd om de aantallen op peil te houden, werd het plezier wel wat minder. Al snel daarna had ik door dat ik het spelletje zelf nog veel te leuk vind om nu al te stoppen.”


Wat ga je het meeste missen aan De Vecht?


“Het drie keer per week voetballen met vrienden ga ik wel het meest missen.”


Als je de club in drie woorden moet omschrijven, welke zijn dat?


“Dorpsclub, gezelligheid, vriendschappen.”


Waarom is de keuze uiteindelijk op Kockengen gevallen?


“Toen bekend werd dat het bij De Vecht moeilijk ging worden, ben ik met verschillende clubs in contact gekomen. Bij Kockengen had ik meteen een goed gevoel. Ik denk dat het een vergelijkbare club is als De Vecht en ik ken er al wat jongens, wat de overstap makkelijker maakt.”

Wat hoop je daar nog te bereiken?


“Ik vind het wel een uitdaging om mezelf weer te moeten bewijzen. Verder hoop ik een goede bijdrage te kunnen leveren en met veel plezier te spelen.”


Ben je nog steeds even fanatiek als twintig jaar geleden, of geniet je nu vooral van het spelletje?


“Het fanatisme is wel wat afgenomen. Tijdens de wedstrijd wil ik nog net zo graag winnen als altijd, maar ik ben nu niet meer een heel weekend chagrijnig na een verloren wedstrijd. De voetbalmentaliteit is over het algemeen ook niet meer te vergelijken met twintig jaar geleden. Maar het belangrijkste is dat ik nog steeds geniet van het spel.”


Hoe kijk je ernaar uit om een nieuwe kleedkamer binnen te stappen?


“Dat zal wel even vreemd worden na jaren dezelfde mensen om je heen te hebben gehad. Maar ik heb er zin in en hoop er een leuk seizoen te hebben.”


Wat maakt keepen voor jou zoveel mooier dan in het veld staan?


“Ik vind het niet eens zoveel mooier dan in het veld staan. Op de training vind ik voetballen ook vaak veel leuker dan keepen, maar in de wedstrijden sta ik weer liever op goal. Ik vind het leuk om het spel van achteruit te sturen en te lezen, en als keeper kun je jezelf echt onderscheiden.”

Heb je ooit overwogen om veldspeler te worden?


“Nee, ik heb nooit serieus overwogen om veldspeler te worden.”


Welke eigenschap moet een goede keeper volgens jou absoluut hebben?


“Voor mij is het belangrijk dat een keeper het spel een beetje kan lezen en daardoor goed kan aansturen. Maar het belangrijkste is natuurlijk gewoon dat je een bal kunt tegenhouden.”


Ben je bij een penalty vooral bezig met de statistieken of op je gevoel?


“Ik doe het vooral op gevoel.”


Welke teamgenoot heeft jou het vaakst uit de brand geholpen?


“Dat moeten Rick Schopping en Nick Kruiswijk zijn. Dat zijn de verdedigers die het vaakst voor me hebben gestaan. Rick ziet het spel heel goed en kan daar goed op anticiperen, terwijl Nick nooit opgeeft en zich helemaal kan vastbijten in tegenstanders. Dan moet ik Jurriaan van Well nog extra benoemen, want die was uitzonderlijk goed in de verdediging. Hij heeft menig speler uit de buurt gehouden.”


En wie heeft jou de meeste grijze haren bezorgd?


“Dat zijn denk ik vooral trainers geweest. In mijn jongere jaren klikte het niet altijd even goed. Mede door mijn eigen koppigheid ging dat niet altijd even soepel.”


Wat is de grappigste anekdote uit twintig jaar selectievoetbal?


“De leukste anekdotes zijn de kleedkamerverhalen waar je eigenlijk bij had moeten zijn. Als je ze later vertelt, zijn ze toch minder leuk. Maar een verhaal dat altijd leuk blijft, is het trainingsweekend waarbij we uit de accommodatie zijn gezet. We hadden onder andere iemand slapend op de snoepautomaat gelegd. Maar het was dan ook niet zo handig van de trainer om de minst verantwoordelijke speler de leiding te geven over een stapavond.”

Als je een droomelftal van oud-teamgenoten mag samenstellen, wie staat er als eerste op het formulier?


“Nu ga ik veel spelers tekortdoen, maar de eerste aan wie ik denk is Nicky Boot. Daar speel ik al sinds de jeugd mee en we hoeven alleen maar naar elkaar te kijken om te weten wat we moeten doen.”


Tot slot: zie je jezelf over tien jaar nog steeds onder de lat, of sta je dan als keeperstrainer langs de lijn?


“Als ik over tien jaar nog enigszins fit ben, zie ik mezelf eerder terug in een veteranenelftal dan als keeperstrainer.”


Het laatste woord is voor jou…


“Ik wil iedereen veel plezier wensen komend seizoen. Superleuk om alles te blijven volgen via Voetbal Midden Nederland. Leuk dat er steeds meer clubs meewerken. Ga zo door!”


Exclusief voor VMN

Robyn de Boer


Opmerkingen


bottom of page