top of page

Arno Agterberg(De Rivierwijkers), trainer aan het woord

5 uur geleden
4 minuten om te lezen

Zaterdag staat voor De Rivierwijkers de laatste groepswedstrijd in het bekertoernooi tegen Amsvorde op het programma. Na één overwinning en één nederlaag is de kans op plaatsing voor de volgende ronde nog altijd aanwezig. Tegelijkertijd komt ook de start van de competitie steeds dichterbij. Maar hoe staat de ploeg er in zijn geheel voor? We zochten trainer Arno Agterberg even op.

Hoi Arno, zaterdag spelen jullie de laatste bekerwedstrijd tegen Amsvorde en bij een overwinning is plaatsing voor de volgende ronde nog mogelijk. Gebruik je deze wedstrijd vooral om de laatste puntjes op de i te zetten richting de competitie, of telt er maar één ding en gaan jullie vol voor de winst?


“We zien de bekerwedstrijden inderdaad als een kans om ons voor te bereiden op de competitiestart. Zeker na de teleurstellende start van vorig seizoen willen we dit keer beter uit de startblokken komen.”


Met nog één week te gaan tot de competitiestart: hoe kijk je terug op de voorbereiding en hoe staat de ploeg er momenteel voor?


“Met onze groep weten we dat de voorbereiding niet optimaal is vanwege vakanties, reizen en andere zaken die voor deze spelers ook belangrijk zijn naast het voetbal. Daar houden we dan ook rekening mee. Maar ik moet zeggen dat we een behoorlijk fitte groep hebben. Dat zagen we terug tijdens de trainingen, maar ook in de wedstrijden die we al hebben gespeeld. Daarnaast keren er spelers terug na een lange blessureperiode en de spelers die later zijn aangehaakt, doen dat tot dusver op een zeer goede manier.”


Heb je de afgelopen weken steeds met een behoorlijk grote groep kunnen trainen, of had je veel te maken met het komen en gaan van vakantiegangers en spelers met andere verplichtingen?


“De groep was in de eerste weken nog wat beperkt, maar sinds een aantal weken hebben we qua aantallen een goede groep om gericht mee te trainen en zo onze spelprincipes te oefenen. Dat is fijn.”


In hoeverre hebben die wisselingen invloed gehad op de opbouw van de voorbereiding? Kon je volgens plan werken of moest je door een kleinere trainingsgroep regelmatig improviseren?


“Improviseren doe je volgens mij altijd en daar is op ons niveau ook niet aan te ontkomen. Maar we zijn er goed doorheen gekomen. We proberen zeker in de eerste fase van het seizoen te werken aan een conditionele basis waarvan we de rest van het seizoen hopen te profiteren. De groep draagt dit ook en dat is te merken. Ook spelers die langer weg zijn geweest, keren fit tot redelijk fit terug op het veld. De groep neemt dus haar eigen verantwoordelijkheid en dat is mooi om te zien.”


Heb je voldoende aandacht kunnen besteden aan het tactische gedeelte en zie je de afspraken en de beoogde speelwijze inmiddels duidelijk terug in het spel van de ploeg?


“We kunnen inderdaad zien dat de spelprincipes duidelijk zijn en door de groep worden gedragen. Dat is heel positief en draagt bij aan het goede gevoel dat we tot nu toe aan de voorbereiding hebben overgehouden.”


Is de basisconditie richting de competitie op het gewenste niveau? Is de selectie bovendien fitter, breder en sterker dan vorig seizoen?


“We staan er qua fitheid goed voor. Gelukkig valt het aantal blessuregevallen mee en zijn enkele spelers bezig om weer wedstrijdfit te worden. Binnen de selectie zijn er wel wat mutaties geweest. We hebben afscheid moeten nemen van de ervaren krachten Tom en Luuk, die naar lagere elftallen zijn overgestapt. Daarnaast zijn Gijs, Dalai en Michiel om verschillende redenen gestopt om zich op andere zaken te richten.

Daarvoor in de plaats hebben we Luca, Serge, Pieter en Niek aan de selectie kunnen toevoegen. Stuk voor stuk aanwinsten die ons kwalitatief iets extra’s brengen. We kijken dus met vertrouwen naar deze selectie.”


Er zijn altijd onderdelen waarop een trainer op dit moment graag verder had willen zijn. Welk punt binnen jouw ploeg vraagt in de laatste week voor de competitiestart nog de meeste aandacht?


“Iedere trainer zoekt naar ontwikkeling en er zijn zeker dingen die beter kunnen. Maar over het algemeen zijn we tevreden over de vooruitgang. Ik denk dat we als ploeg nog wat beter druk kunnen zetten. Dat geldt ook voor sommige spelers individueel. Daarnaast kan het vinden van de vrije man beter. Daar kunnen we de komende weken nog op trainen.”


Vorig seizoen kenden jullie een slechte competitiestart. Verwacht je dat de ploeg er op 19 september beter voor staat? Is iedereen dan terug van vakantie en hoe ziet de situatie rond de blessures eruit?


“Zoals ik al aangaf, denk ik dat we bij de start van de competitie over een redelijk fitte en complete groep beschikken. Veel slechter dan vorig seizoen kunnen we niet starten. Maar we hebben er als ploeg vertrouwen in dat we zijn gegroeid en de strijd aankunnen.”


Hoe schat je jullie competitiepoule in? Is deze sterker dan de poule waarin jullie vorig seizoen uitkwamen, of is het nog te vroeg om daar iets over te zeggen?


“Dat vind ik inderdaad lastig. Een aantal ploegen ken ik nog niet. Over onze eigen kansen kan ik kort zijn: we gaan het absoluut beter doen dan vorig seizoen. Waar dat uiteindelijk in resulteert, zien we vanzelf in de laatste periode. Een goede start zal daarbij absoluut goed van pas komen, dus daar gaan we voor.

Ik kijk er in ieder geval naar uit om weer positief voetbal te spelen met deze ploeg. Dat is wat wij als vereniging willen uitdragen. Daarbij zoeken we voetballend naar oplossingen.”


Wat eis je dit seizoen onder alle omstandigheden van de ploeg, ongeacht winst of verlies? En beschouw je een plaats bij de eerste vijf als een realistische doelstelling?


“Wat wij als ploeg van elkaar eisen, is dat we als groep winnen en verliezen. Dat doen we door elkaar in woorden en daden te steunen. Niemand mag na afloop van een wedstrijd het gevoel hebben dat hij het team niet heeft geholpen. Als individuele speler, maar ook als trainer of coach, moet je alles geven volgens de afspraken die we met elkaar maken.

Een plaats bij de eerste vijf vind ik een terechte doelstelling die ook past bij onze positieve instelling als vereniging en als groep. Daar willen we dan ook zeker voor gaan en we willen tot het einde blijven meedoen om promotie.”

Opmerkingen


bottom of page