top of page

Younes el Yandouzi(IJsselmeervogels), assistent trainer aan het woord

  • 14 aug
  • 5 minuten om te lezen

IJsselmeervogels klaar voor de aftrap: Younes voelt zich als een vis in het Eemmeer

Voor IJsselmeervogels gaat morgen het echte werk beginnen. Na weken van trainen, oefenen en bouwen aan een nieuwe ploeg wacht in de Tweede Divisie direct een mooie ouverture: de uitwedstrijd tegen Kozakken Boys in Werkendam.

Wat mogen we dit seizoen van de Rooien verwachten? Hoe staat de selectie ervoor na de voorbereiding en waar liggen nog de punten die beter moeten? Om alvast wat meer gevoel te krijgen bij het IJsselmeervogels van dit seizoen zochten we gisteren assistent-trainer Younes el Yandouzi even op.

Younes is er dit seizoen vanaf dag één bij in de voorbereiding. Samen met hoofdtrainer Willem Leushuis heeft hij de afgelopen weken de nodige trainingsuren gemaakt om de ploeg klaar te stomen voor de competitiestart.

En Younes zelf? Die lijkt zijn draai op De Westmaat inmiddels uitstekend te hebben gevonden. We zouden normaal gesproken zeggen dat hij zich er als een vis in het water voelt, maar bij IJsselmeervogels doen we daar natuurlijk graag een schepje bovenop: Younes voelt zich inmiddels als een vis in het Eemmeer.

Hoi Younes, morgen gaat het dan echt beginnen. Maar voordat we vooruitkijken naar Kozakken Boys en het nieuwe seizoen, nemen we eerst de voorbereiding eens met je door. Hoe zijn die eerste weken verlopen en waar staat IJsselmeervogels op dit moment?

Hoi Younes, jullie sluiten de oefencampagne af met een monsterscore, maar staan in die wedstrijd eerst wel met 0-2 achter. Hoe kijk jij naar zo’n begin? Is dat iets wat je onder de noemer naïviteit of gemakzucht schaart, of zie jij daar vooral voetbaltechnische oorzaken voor? En is juist dat lakse beginnen iets wat er richting de competitie absoluut uit moet?


Beide tegendoelpunten komen vanuit situaties die we vorig seizoen weinig meemaakten: langer balbezit op helft tegenstander. De restverdediging moet simpelweg een stuk beter staan om dit soort uitbraken te voorkomen. Ik was eerlijk gezegd vooral blij met de 0-2, want daar zag je dat gemakzuchtig je restverdediging organiseren direct “pijn” kan doen. We zijn dus gewaarschuwd.


Je kijkt inmiddels bijna een jaar van heel dichtbij in de keuken bij IJsselmeervogels. Het is een club met enorme mogelijkheden, een grote achterban en faciliteiten die op hoog amateurniveau nauwelijks onderdoen voor een profomgeving. Kun jij je daar nog steeds over verwonderen, of is dat inmiddels ‘normaal’ geworden?


Veel went natuurlijk snel en maak je jezelf snel eigen. Wat niet went is de beleving van alles en iedereen die op welke manier dan ook betrokken is. Elke week verwonder ik mezelf weer over de mensen -in welke rol dan ook- die deze club zo groots maken.


De mogelijkheden en verwachtingen bij IJsselmeervogels zijn enorm, terwijl de club zich afgelopen seizoen uiteindelijk via de nacompetitie moest handhaven. Als jij daar nu met enige afstand op terugkijkt: wat ontbrak er voetbaltechnisch om structureel in de bovenste regionen mee te draaien? En hoeveel invloed heeft de druk die bij zo’n grote club hoort daarop? Er wordt op de tribune en daarbuiten altijd iets gevonden van de prestaties. Kan dat voortdurende ‘moeten presteren’ een ploeg op moeilijke momenten ook juist verlammen?


Het ultieme moment van druk was de laatste wedstrijd in de nacompetitie: thuis tegen Excelsior Maassluis waarin we een 1-0 achterstand uit de heenwedstrijd moesten goed maken. Alles en iedereen was gespannen en de druk was torenhoog. Bij mijn vorige teams was spanning vaak voelbaar in de kleedkamer; hier voelde ik het op het moment dat ik het sportpark opkwam. Zelfs de verkoopster van de kibbeling keek anders uit haar ogen. Vanaf het eerste fluitsignaal was die spanning ook duidelijk voelbaar vanaf de tribunes en vanaf de bank, maar dit versterkte het team enorm en zorgde voor een beleving die ons uiteindelijk naar de overwinning heeft gebracht.

Dus ja: druk kan je op sommige momenten tegenzitten, maar we hebben ook ervaren wat het doet als je dat omzet in energie en beleving binnen de lijnen.


Hoe kijk je in zijn geheel terug op deze oefencampagne? Hebben jullie voldoende kunnen experimenteren met speelwijze, posities en verschillende samenstellingen en zag je gedurende de voorbereiding ook duidelijk de groei waarop jullie vooraf hadden gehoopt? Tegelijkertijd was er de afgelopen weken nog de nodige beweging binnen de selectie. Maakt het komen en gaan van spelers het voor een technische staf lastiger om juist in deze fase de gewenste automatismen en vastigheden erin te krijgen?


We hebben een wat kortere voorbereiding gehad dan normaal i.v.m. de drie weken nacompetitie. Toch heb ik het gevoel dat de meeste spelers goed op conditie zijn gekomen en zich op verschillende posities hebben kunnen laten zien. Er is inderdaad nog een speler vertrokken en een aangetrokken, maar dat heeft in mijn ogen niet echt invloed gehad op de ontwikkeling van het team.


Zaterdag begint het echte werk en direct met een prachtig affiche tegen Kozakken Boys, gelukkig ook met publiek op de tribunes. Als je alles van de afgelopen weken bij elkaar optelt: staat IJsselmeervogels waar jullie op dit moment wilden staan en is deze ploeg klaar voor de competitie?


Na een korte, maar intensieve voorbereiding staan wij morgen meer dan klaar in Werkendam.


Je bent zelf nog een jonge en ambitieuze trainer en werkt inmiddels dagelijks op een niveau waar prestaties worden gevraagd en vrijwel alles onder een vergrootglas ligt. Wat heeft dat afgelopen jaar met jouw eigen ontwikkeling als trainer gedaan? Merk je dat je juist van de druk, de kritische omgeving en de moeilijke momenten misschien wel meer leert dan wanneer alles vanzelf gaat? En op welk vlak vind je dat je zelf de grootste stap hebt gezet?


Bij deze club merk je des te meer dat voetbal om veel meer draait dan alleen de tactiek en het managen van je spelersgroep. Als hoofdtrainer is het dus zaak om duidelijke lijnen uit te zetten en vervolgens goed te delegeren. Als assistent-trainer kan ik me daardoor (bijna) volledig focussen op het voetbalinhoudelijke stuk en leer ik tegelijkertijd veel over de dynamieken in de top van het amateurvoetbal. Met een aantal oud-profs en andere spelers die gepokt en gemazeld zijn in de bovenste regionen van het amateurvoetbal word je inhoudelijk steeds weer uitgedaagd; ook hierin blijf je daardoor ontwikkelen.

Als assistent kijk je soms anders naar een wedstrijd dan wanneer je zelf eindverantwoordelijk bent. Hoe groot is jouw daadwerkelijke invloed binnen de technische staf? Is er voldoende ruimte om je eigen ideeën neer te leggen, ook wanneer die misschien afwijken van die van de hoofdtrainer?


Willem Leushuis en ik werken op zo’n manier samen dat ik de meeste trainingen geef en besprekingen leid, maar altijd in goed (dagelijks) overleg. Tijdens wedstrijden zijn wij voortdurend met elkaar in overleg en worden veel keuzes gezamenlijk gemaakt. Voldoende ruimte om mijn ei kwijt te kunnen, maar natuurlijk blijft de hoofdtrainer eindverantwoordelijk.


Zou het voor jou een droom zijn om ooit als hoofdtrainer voor de groep te staan bij IJsselmeervogels, of kijk je daar op dit moment nog helemaal niet zo naar en geniet je vooral van de rol die je nu op dit niveau hebt? Daarop aansluitend: hoe sterk is bij jou de ambitie om uiteindelijk weer op eigen benen te staan als hoofdtrainer? Zou je daarvoor bewust een stap willen maken, of weegt voor jou het niveau waarop je werkt minstens zo zwaar als de functie die je bekleedt?


De rol die ik het afgelopen halve jaar en zeker dit seizoen heb is eigenlijk het beste te duiden als “veldtrainer”. Die rol in combinatie met de club IJsselmeervogels waren voor mij twee hele belangrijke redenen om voor nog een seizoen te tekenen. De komende maanden zal ik mij weer goed beraden op wat de plannen worden voor het volgende contractjaar.

Opmerkingen


bottom of page