top of page

Leroy van Doleweerd(CDW), trainer aan het woord

  • 3 dagen geleden
  • 7 minuten om te lezen

CDW bouwt verder richting competitiestart: ‘Tegenstanders moeten voelen waar wij voor staan’

De voorbereiding is in volle gang en ook bij CDW worden de contouren richting het nieuwe seizoen steeds duidelijker. De ploeg kan voortbouwen op het afgelopen seizoen, waarin uiteindelijk slechts één punt ontbrak om de derde plaats ook daadwerkelijk te verzilveren. De groep bleef grotendeels intact en met Kjeld van der Sanden en Pim de Boer kwamen er twee versterkingen bij.

Maar waar staat CDW op dit moment? Hoe fit is de ploeg, hoe groot is de concurrentiestrijd en wanneer verschuift de aandacht van minuten maken naar het formeren van het elftal dat straks aan de competitie begint? We zochten de trainer op en maakten de balans van de voorbereiding tot nu toe op.



Hoi Leroy, vanuit DESTO hoorde ik positieve geluiden over jullie ploeg. Toch een mooi compliment, maar wat zag jij zelf terug in die wedstrijd waar je blij van werd? En welke momenten lieten zien dat er richting de competitie nog werk aan de winkel is?


“Het is natuurlijk mooi om positieve geluiden te horen vanuit DESTO. Dat betekent dat we als ploeg iets hebben laten zien en dat onze manier van spelen wordt herkend. Maar uiteindelijk kijk ik vooral naar wat wij zelf uit een wedstrijd kunnen halen.

Waar ik tevreden over was, is dat we als team momenten van onze speelwijze hebben laten zien. We stonden georganiseerd, speelden met een goede intensiteit en er waren fases waarin we de tegenstander goed onder druk konden zetten en zelf het initiatief namen. Ook vond ik de bereidheid van de spelers om voor elkaar te werken en afspraken na te komen een sterk punt.

Tegelijkertijd zie je dat we nog stappen moeten maken. Vooral in het langer vasthouden van die goede fases en het maken van de juiste keuzes op bepaalde momenten. We moeten constanter worden in onze uitvoering. Wanneer versnellen we het spel, wanneer houden we de bal vast, hoe reageren we direct na balverlies, hoe maken we onze kansen beter af en hoe zorgen we ervoor dat we als team compact blijven?

Dat zijn precies de punten waarmee we de komende wedstrijden verdergaan. Een voorbereiding is er niet voor bedoeld dat alles direct perfect is, maar om iedere week beter te worden. We hebben een goede basis gelegd, maar richting de competitie moeten we nog groeien in volwassenheid, automatismen en het uitvoeren van onze afspraken onder druk.”


Als je de voorbereiding tot nu toe langs jouw eigen meetlat legt, waar staat de ploeg dan? Wat had je op dit moment absoluut voor elkaar willen hebben en is dat ook gelukt?


“Als ik de voorbereiding tot nu toe langs mijn eigen meetlat leg, denk ik dat we er goed voor staan. We hebben vorig seizoen al veel stappen gezet in onze speelwijze en de visie die we met elkaar binnen CDW voor ogen hebben. Dit seizoen zijn we daarop verdergegaan. Uiteraard hebben we wat accenten aangepast en willen we ons blijven ontwikkelen, maar we hoeven niet opnieuw te beginnen.

Een groot voordeel is dat de groep grotendeels bij elkaar is gebleven. Dat zegt veel over de ontwikkeling die we als team hebben doorgemaakt. Spelers kennen de afspraken en weten wat er van hen wordt verwacht. Daardoor kunnen we sneller de diepte in.

Met de komst van Kjeld van der Sanden en Pim de Boer hebben we twee spelers toegevoegd die goed binnen onze manier van spelen passen. Het zijn slimme spelers die de afspraken snel oppakken en extra concurrentie en kwaliteit aan de groep toevoegen.

Wat ik op dit moment vooral terug wilde zien, was dat we als team verder zouden groeien in onze herkenbaarheid: hoe willen we aanvallen, hoe zetten we druk en hoe reageren we als team op verschillende momenten in een wedstrijd? Daarin hebben we goede stappen gezet.

Tegelijkertijd zijn we nog niet klaar. We moeten constanter worden en de details beter uitvoeren, want juist die details gaan straks in de competitie het verschil maken.”


Hoe staat de selectie er fysiek voor? Waar zie je dat de trainingsarbeid van de afgelopen weken zijn vruchten begint af te werpen en op welk vlak moet de groep conditioneel nog een stap zetten?


“De groep staat er goed voor. Daarbij weten de spelers ook heel goed waar we het vorig seizoen gezamenlijk hebben laten liggen in de competitie. Als je derde wordt, uiteindelijk één punt tekortkomt en vervolgens met lege handen staat, dan maakt dat de jonge spelers die we hebben wel gretig, kan ik je vertellen.

Je merkt dat de ploeg tijdens wedstrijden steeds fitter wordt. Ook op het trainingsveld zie je dat terug in de arbeid en intensiteit die wij als staf verwachten.”


Een trainer wil tijdens de voorbereiding steeds meer van zijn eigen voetbal terugzien. Welke spelprincipes beginnen inmiddels echt herkenbaar te worden en welk onderdeel krijg je er nog niet zo goed in als je zou willen?


“Zonder meteen al onze spelprincipes binnen onze speelwijze prijs te geven, haha… Wij werken steeds in blokken van zes weken. Op dinsdag besteden we vooral aandacht aan de spelprincipes. Op donderdag maken we een combinatie van die spelprincipes en het teamtactische gedeelte, vanuit de dingen die we binnen onze speelwijze terug willen zien.

Op die manier behandelen we gedurende het seizoen alles wat nodig is om uiteindelijk een zo goed mogelijk resultaat te boeken.”


Hoe lastig is het geweest om met vakanties, blessures en spelers die later aansluiten continuïteit in je voorbereiding te krijgen? Heb je inmiddels vrijwel iedereen aan boord of ben je nog steeds aan het schuiven en inpassen?


“Dat is en blijft een dingetje! Vroeger keek je wanneer de voorbereiding begon en zorgde je ervoor dat je terug was van vakantie. Daar denkt de nieuwe generatie toch echt anders over, haha.

We hebben nog steeds niet iedereen aan boord en daarnaast gaan er in september ook gewoon weer een paar spelers weg. Daar moet je als trainer mee dealen en je probeert het zo goed mogelijk in te vullen. Aan de andere kant biedt het andere spelers weer de mogelijkheid om zich te laten zien.”


De beker komt dichterbij. Wanneer slaat voor jou de voorbereiding om van iedereen minuten geven naar daadwerkelijk bouwen aan het elftal waarmee je straks de competitie in wilt? En hoe dicht ben je inmiddels bij die basis?


“De voorbereiding is altijd een periode waarin je verschillende dingen wilt zien. In het begin gaat het vooral om iedereen minuten geven, kijken naar verschillende samenstellingen en ervoor zorgen dat iedereen fysiek en tactisch op niveau komt.

Tijdens de beker verschuift de focus steeds meer naar het bouwen aan een team dat klaar is voor de competitie. Dan kijk je meer naar automatismen, onderlinge samenwerking en naar de spelers die op dat moment het beste invulling geven aan onze manier van spelen.

We zijn inmiddels een stuk verder in dat proces. Mede door vorig seizoen heb ik een goed beeld van de kwaliteiten binnen de groep en van de verschillende mogelijkheden die we hebben. Tegelijkertijd vind ik het belangrijk dat de concurrentie blijft bestaan. Een basisplaats moet je iedere week opnieuw verdienen met wat je op trainingen en tijdens wedstrijden laat zien. Bij ons is niets een vast gegeven.

Ik ben zeker dichter bij mijn basiself gekomen, maar ik geloof niet in een vaste elf die al volledig vastligt. We willen een team hebben waarin spelers elkaar scherp houden en waarin we verschillende kwaliteiten kunnen gebruiken, afhankelijk van de tegenstander en de situatie in een wedstrijd.

Het belangrijkste is dat we als team steeds beter begrijpen wat we willen uitstralen: met veel energie, discipline en vertrouwen spelen volgens onze principes. De komende wedstrijden gebruiken we om de laatste puzzelstukjes richting de competitiestart te leggen.”


Welke spelers hebben deze voorbereiding aangegrepen om de concurrentiestrijd echt open te gooien? Zijn er jongens die misschien niet direct vooraan in je hoofd zaten, maar inmiddels nadrukkelijk aan de deur kloppen?


“Ik denk dat deze voorbereiding vooral heeft laten zien dat de concurrentie binnen de groep enorm is toegenomen. Er zijn jongens die de afgelopen weken echt stappen hebben gemaakt en nadrukkelijk hebben laten zien dat ze klaarstaan wanneer ze nodig zijn.

Wat mij vooral aanspreekt, is de ontwikkeling van spelers die vooraf misschien niet direct als eerste namen werden genoemd, maar door hun houding, trainingsintensiteit en prestaties de concurrentiestrijd volledig hebben opengegooid. Dat is precies wat we binnen CDW 1 willen zien: iedereen moet iedere training en wedstrijd laten zien dat hij erbij hoort.

Een aantal jongens heeft mij positief verrast door hun ontwikkeling in het spel, maar ook door de manier waarop ze verantwoordelijkheid binnen het team pakken. Ze tonen meer initiatief, begrijpen beter wat we als ploeg willen en voeren onze afspraken steeds beter uit.

Uiteindelijk hebben we geen basiself dat vanzelfsprekend is. We willen een groep creëren waarin spelers elkaar beter maken en waarin de beste spelers van dat moment spelen. De voorbereiding heeft laten zien dat meerdere jongens nadrukkelijk op de deur kloppen. Dat maakt ons als team alleen maar sterker richting de competitie.”


Wat wil je in de resterende oefen- en bekerwedstrijden nog absoluut terugzien voordat je met een goed gevoel aan de competitie kunt beginnen? Waar moet jouw ploeg op de eerste competitiedag aantoonbaar verder in zijn dan vandaag?


“We moeten op de eerste competitiedag vooral verder zijn in onze herkenbaarheid. Iedereen moet weten wat er van hem wordt gevraagd in balbezit, bij balverlies en tijdens de omschakelmomenten.

Ik wil een CDW zien dat energie uitstraalt, durft te voetballen en waarin de organisatie altijd de basis is. De grootste stap die we nog moeten maken, is dat we niet alleen goede momenten laten zien, maar die ook langer kunnen vasthouden gedurende een hele wedstrijd.

Als we straks aan de competitie beginnen, wil ik dat tegenstanders voelen dat ze tegen een team spelen dat georganiseerd is, voor iedere meter strijdt en duidelijk weet waar het voor staat. En uiteindelijk draait het natuurlijk ook om één ding: resultaat behalen.”

Opmerkingen


bottom of page