top of page

Nick van Rheenen(EDO) speler aan het woord

  • 4 dagen geleden
  • 10 minuten om te lezen

Een tijdperk loopt ten einde. Nick van Rheenen zet een punt achter zijn carrière in het selectievoetbal en neemt daarmee afscheid als één van de dragende krachten van EDO. Leider, verbinder en bovenal een mens met karakter.

Voor ons bij VMN betekent het ook het einde van jarenlang intensief contact. Daarom zochten we hem nog één keer op voor een laatste, mooi gesprek.

Veel leesplezier.

Nick, stel je nog eens voor?


Geboren in Brunssum op 6 januari 1990. Ik woon met mijn vrouw Danique en onze dochter Jenthe (bijna 2 jaar) in Maarssen. Inmiddels werk ik alweer een kleine vijf jaar als accountmanager bij LINKIT.


Terug naar het begin, Waar begon het voetbal voor jou en hoe is dat verlopen richting de senioren?


Ik begon bij OSM’75 en heb vanaf de F1 tot en met zondag 1 daar gespeeld. Ik heb veel talentvolle lichtingen mogen meemaken en een hele mooie tijd gehad, met veel vrienden.

Kun je nog enkele jeugdtrainers terughalen?


Beer Hagendoorn, Wim Versteeg, Hans Zwart, Peter Melis & Hein van Tongeren, Rinus de Wild, Erwin Beekvelt & Dennis van Beem.


Aan wie denk je dan het meest uit je jeugdjaren, iemand van wie je als opgroeiende jongen veel hebt geleerd, zowel binnen als buiten het veld?


Beer Hagendoorn, omdat hij mij (en met mij velen) de eerste kneepjes van het voetbalvak heeft bijgebracht. Ook toen hij geen trainer meer van mij was, bleef hij betrokken en was hij altijd geïnteresseerd.


Bij welke club, wanneer en onder welke trainer maakte jij je debuut in het eerste elftal?


Dat was als 16-jarige B1-speler bij zaterdag 1 van OSM’75, onder Ron van Arnhem. Mijn eerste vaste seniorentrainer was Arie de Jongh, bij zondag 1 van OSM’75.

Na een lange periode in het selectievoetbal heb je aangekondigd te stoppen. Wat is de reden dat je deze keuze hebt gemaakt? Heeft het met het fysieke aspect te maken, met werk, of spelen er andere dingen, neem ons eens mee in dat besluit.


Ik heb altijd gezegd dat ik niet te laat wil stoppen. Nu gaat het nog prima en word ik nog niet zomaar voorbijgelopen, dat wil ik dus voor zijn. Daarnaast merk ik al langere tijd dat bepaalde zaken meer energie kosten dan dat ze energie opleveren en zal ik het ook niet gaan missen om op een doordeweekse avond in de kou of regen op het veld te staan. Verder wil ik ook meer kunnen genieten van mijn gezin en dat is makkelijker te combineren met bijvoorbeeld padel en/of tennis.

Zeven jaar EDO, hoe kijk je terug op die periode en wat zijn voor jou persoonlijk de drie hoogtepunten?


Een hele mooie tijd gehad met gelukkig veel hoogtepunten. De promotie en het daaropvolgende kampioenschap, om uiteindelijk in de 2e klasse terecht te komen, staan wel bovenaan. Verder tel ik alle trainingskampen als één hoogtepunt mee; daar heb ik heel veel mooie herinneringen aan.

En wat was in die zeven jaar het absolute dieptepunt?


Dan denk ik aan de COVID-tijd, waarbij we uiteindelijk wel ‘mochten’ promoveren, maar dit natuurlijk graag zelf hadden afgemaakt.


Onder welke trainers heb je bij EDO gespeeld?


Ilo Venetis & John Dunsbergen, Fabian Schaken & Patrick van Oort, Gerrit Plomp & Ramon Bongers.


Als je terugkijkt op je gehele carrière, met clubs als OSM’75, SO Soest, DHSC en Elinkwijk: kijk je overal met plezier op terug, of zijn er ook periodes of ervaringen die minder waren en waarom?


Over het algemeen kijk ik met veel plezier terug op alle periodes. Ik denk aan twee mindere ervaringen, het overlijden van DHSC-voorzitter Ad van Rooijen en de daaropvolgende koerswijziging van DHSC door flink te gaan investeren in de selectie. Dat had gevolgen voor mijzelf en meerdere spelers, en indirect ook voor de echte clubmensen, met als gevolg wat iedereen kent (geen DHSC meer). Hierdoor ben ik bij Elinkwijk terechtgekomen, maar daar was met name mijn laatste jaar op de zaterdag te vrijblijvend, waardoor het als een verloren jaar voelde. Er was een te groot verschil in die selectie tussen jongens die wel en niet wilden.

Als je het nog weet, onder welke trainers heb jij in je carrière gespeeld, in chronologische volgorde?


Jeugdtrainers heb ik hierboven genoemd. In de senioren was het:OSM’75: Arie de Jongh, Ron Berrens en Dennis Sluijk, SO Soest: Aad van den Berg DHSC: Patrick van der Pas, Rick Schipper Elinkwijk: Ricky Testa La Muta & Pascal de Bruijn (zondag) en Jordi van Ommeren (zaterdag) EDO: zie hierboven


Als je één of meerdere trainers moet noemen: onder welke trainer kwam jij als speler het beste tot je recht en met wie had je ook buiten het veld een goede klik?


Ik heb het geluk gehad meerdere trainers te kunnen noemen in dit rijtje.

In mijn tijd bij OSM’75 waren dat verschillende jeugdtrainers, maar met name Dennis Sluijk, die mij verder heeft geholpen naar een hoger niveau. Meerdere spelers hebben na dat seizoen een kans gekregen op een hoger niveau, wat deels op het conto van Dennis geschreven kon worden. Een erg goede trainer, op de juiste momenten kritisch en hij haalde het beste in ons naar boven. Helaas veel te vroeg overleden.

Bij Soest kwam ik onder Aad van den Berg te voetballen, een goede trainer maar nog betere peoplemanager. Hij wist wat de groep nodig had en gaf mij veel vertrouwen. Geweldige tijd bij een evenzo mooie club, mede dankzij Aad. Hij gaat helaas stoppen en dat is een gemis voor het amateurvoetbal, maar een begrijpelijke keuze.

Vervolgens begon ik bij DHSC onder Patrick van der Pas, voordat Rick Schipper het overnam. Patrick was een hele goede trainer met veel voetbalkennis en daarnaast ook heel goed met mensen. Helaas kon hij toen niet verder door zijn werk, maar de periode onder Rick Schipper was ook succesvol. Rick had het hart op de tong en dat was voor sommigen, ook voor mij soms, even wennen, maar wel wat onze groep nodig had. We hadden veel kwaliteit en Rick benutte dat ten volle, maar moest ons wel scherp houden waar nodig (dat was vaak). Mede daardoor werden we afgetekend kampioen.

Ik begon bij EDO onder Ilo Venetis, een bijzondere man in de positieve zin van het woord. We hadden voor de 4e klasse een prima team, wat hij toen en de jaren daarna als geen ander gemotiveerd wist te houden. Hij was vooral een peoplemanager die ervoor zorgde dat de neuzen dezelfde kant op bleven staan. Hij kon zelfs de minder getalenteerde jongens talentvol laten lijken, puur door ze vertrouwen te geven. Ik spreek Ilo nog regelmatig, zowel op voetbalvlak als persoonlijk.

In het jaar na Ilo kwam Fabian Schaken, maar daar heb ik weinig onder gespeeld door mijn gebroken schouder. Met de huidige trainer Gerrit Plomp kan ik het goed vinden. Hij is wat meer van de oude stempel, wat voor mij prettig werkt, en hij is duidelijk in wat hij wil, zonder te veel poespas. Ook voor hem staan de laatste weken voor de deur, hopelijk met een passend afscheid.


Als je jouw hele carrière overziet, wat zijn dan vijf absolute hoogtepunten die je nooit meer zult vergeten?


Promotie via nacompetitie met OSM’75, Kampioenschap met SO Soest, Kampioenschap met DHSC, Kampioenschap met EDO

En als vijfde hoogtepunt kies ik er één die mijn ‘voetballoopbaan’ heeft gekenmerkt: een geweldige tijd met heel veel mooie mensen en veel (huidige) vriendschappen. Ik heb veel te danken aan het voetbal.

En welke drie dieptepunten blijven je bij? Dat mogen blessures zijn, verloren belangrijke wedstrijden of momenten waarop het persoonlijk tegenzat.


Ik heb de belangrijkste wedstrijden gelukkig nooit verloren, dus dat scheelt al. Bij dieptepunten gaat het voor mij om blessures, en dat waren geen hamstring- of liesklachten:

  • Bij OSM miste ik nagenoeg een heel seizoen door een zware hersenschudding en rugklachten na een zware overtreding.

  • Bij EDO miste ik een groot deel van een seizoen door een gebroken schouder (ongelukkig gevallen toen ik net terugkwam van een vleeswond op mijn scheenbeen).

  • In het huidige seizoen heb ik drie maanden gemist door een duw van de spits van DONK, waardoor ik tegen onze keeper klapte en spier- en botkneuzingen opliep in mijn bovenbeen.


Je neemt afscheid als aanvoerder, zat dat leiderschap altijd al in je, of is dat in de loop der jaren gegroeid? Waar komt dat volgens jou vandaan?


In de jeugd ben ik meerdere jaren aanvoerder geweest en na het vertrek van Remco Nielen ook bij EDO. Ik probeer altijd met anderen bezig te zijn en ze te helpen, zowel op als buiten het veld. Zo’n band is een mooie eer, maar niet noodzakelijk om dat te doen. Het zit denk ik in je en groeit naarmate je meer ervaring opdoet.

Met de kennis van nu: zijn er dingen in je carrière die je anders had gedaan? Denk aan een transfer of misschien ergens te lang gebleven?


Dat denk ik niet. Er zijn altijd wel momenten waarop je denkt ‘wat als’, maar ik heb nergens spijt van. Je krijgt wat je toekomt en ik heb heel veel mooie herinneringen aan die 30 jaar, die ik voor geen goud zou willen inruilen.


Is dit een definitief afscheid van het voetbal op niveau, of zien we je nog terug in een lager elftal?


Dit is een definitief afscheid. Wellicht ben ik af en toe nog te zien bij een lager elftal als ik zin heb om een balletje te trappen en de tijd het toelaat, maar ik ben te fanatiek om af te bouwen. Ik padel en tennis ook graag, waar ik nu amper aan toekom maar wat ik dus wil gaan oppakken.

Zit er een trainer in je, of sta je daar op dit moment nog ver vanaf?


Ik heb verschillende jeugdteams bij OSM getraind en heb het altijd interessant gevonden, maar het moet wel passen. Het zal eerder een rol als assistent bij de senioren zijn dan bij een jeugdteam, maar dat is afhankelijk van meerdere factoren.


Blijf je op een andere manier betrokken bij het voetbal, bijvoorbeeld binnen een club?


Ik overweeg momenteel wat opties binnen EDO, waar ik rustig over nadenk. Voor nu richt ik me vooral op het handhaven van EDO in de 2e klasse.


Je hebt bij meerdere clubs gespeeld: waar heb jij het meeste plezier gehad buiten het veld? Denk aan derde helften, uitjes, trainingskampen of andere momenten.


Dan moet ik toch zeggen dat dit bij nagenoeg alle clubs het geval was. Qua derde helften staan DHSC en EDO wel bovenaan, maar bij Soest eindigden we menig zondag in het dorp. Met trainingskampen is het lastig kiezen tussen OSM, Soest, DHSC en EDO. Elke club en groep had zijn eigen karakters en dat maakte het juist zo mooi. De bestemming, binnen of buitenland, maakte dan weinig uit.

Je hebt met veel spelers samengespeeld: welke vijf spelers hadden in jouw ogen exceptionele kwaliteiten, spelers waarvan je echt kon genieten, ik weet dat je dit liever niet doet maar het moet helaas voor deze keer?


Je kent me inmiddels, maar uit respect zal ik je vraag proberen te beantwoorden, waarbij ik alsnog een aantal spelers tekortdoe:

  • Majid Ghaddari; bij SO Soest. Werd ook wel ‘Magic’ genoemd en dat typeerde hem perfect. Kon, als hij dat wilde, alles met een bal.

  • Anass el Ghanoutti; middenvelder bij Elinkwijk, een kleine regisseur, type Xavi/Iniesta, met geweldige techniek en passing.

  • Christian Gandu; speelde bij DHSC eigenlijk te laag voor zijn niveau. Heerlijk om in je team te hebben.

  • Tom Waltman; al jaren de nummer 6 bij EDO. Ongekend in het afpakken van ballen en daarnaast ook nog voetballend sterk.

  • Rayendall Bitorina; mijn ‘Pogba’, box-to-box, fysiek sterk, goed inzicht en technisch vaardig.


Op de trainingen, in één-tegen-één situaties: tegen welke drie spelers had jij de meeste moeite?


Naast Majid en Anass kies ik voor Jasper Stollenwerck. Helaas te vroeg gestopt bij OSM. In die tijd was ik nog aanvaller en het was verschrikkelijk om tegen hem te spelen. Naast zijn fysiek had hij een geweldige tackle en was hij voetballend sterk.


Hoe kijk jij naar het hedendaagse amateurvoetbal? Met name naar het feit dat spelers tegenwoordig makkelijker afzeggen voor andere activiteiten zoals vakanties, feestjes of weekenden weg?


Ik moet zeggen dat ik daar zelf bij mijn clubs gelukkig weinig last van had, maar je hoort het steeds vaker. Er worden meer andere prioriteiten gesteld en de ‘eer’ om in een eerste elftal te spelen lijkt minder te worden. Ik ben benieuwd hoe dat zich ontwikkelt. Persoonlijk snap ik het niet; als je voor selectievoetbal kiest, hoort daar commitment bij. Daarnaast zijn er genoeg vrije momenten in het seizoen om andere dingen te doen.

Wat ga je volgend seizoen doen op de zaterdagmiddag rond half drie?


Geen vaste invulling, maar het zal in ieder geval met het gezin of sport te maken hebben.


Met alle ervaring die je hebt opgedaan, welk advies zou jij meegeven aan jonge spelers die net aansluiten bij een selectie?


Heb geduld, wees realistisch en luister naar de juiste mensen. Maak keuzes niet alleen op basis van geld, maar zorg voor een goede balans zodat je ook minuten blijft maken. En het belangrijkste: voetbal moet leuk blijven.


Als je eerlijk terugkijkt, heb jij alles uit je voetbalcarrière gehaald wat erin zat, gezien jouw kwaliteiten?


Dat denk ik wel. Je kunt altijd denken ‘wat als’, maar ik ben tevreden en heb er veel voor gedaan en gelaten. Het was het waard.


Als je één moment (wedstrijd) uit je carrière opnieuw zou mogen beleven, welk moment zou dat zijn en waarom?


Naast de promoties is er één bijzondere wedstrijd: de nacompetitiewedstrijd met Soest tegen VVIJ. We stonden een paar minuten voor tijd nog met 1-4 achter, maar maakten er in een krankzinnige slotfase 4-4 van. In de verlenging wonnen we met 5-4. Een wedstrijd met zoveel extremen en uiteindelijk pure euforie, heel speciaal.

Hoe wil jij dat teamgenoten en supporters jou herinneren als voetballer?


Als een echte teamspeler die voor zijn teams en clubs door het vuur ging (en een aardig balletje kon trappen).


Wat ga je het meest missen van het selectievoetbal: kleedkamerhumor of strijden voor die overwinning in het veld?


De combinatie van beide, maar vooral alles eromheen en de momenten die je samen beleeft, op en naast het veld.


Besef je straks, nu is het klaar, dit was mijn laatste hoofdstuk als selectiespeler? Geen twijfel, wel een traan?


Het begint steeds meer te komen. Het is geen beslissing van gisteren en het was lastig om de knoop door te hakken, maar ik heb dat wel met 100% overtuiging gedaan. Twijfel is er niet, maar het blijft moeilijk. Of er een traan komt, moet nog blijken.

Het laatste woord is voor jou.


Allereerst een groot dankwoord aan jou, voor de aandacht die je mij hebt gegeven maar vooral voor de tijd en energie die je in jouw platform steekt. Het amateurvoetbal verdient die aandacht.

Verder wil ik via deze weg al mijn oud-teamgenoten, staf en clubmensen bedanken voor alle mooie tijden op en naast het veld.


Opmerkingen


bottom of page