top of page

Johan Jensch(Scheidsrechter), leidsman Hees-SO Soest

  • 26 feb
  • 4 minuten om te lezen

Zaterdag staat de kraker tussen Hees en SO Soest op het programma. Er is al volop aandacht op sociale media, zeker vanuit de kant van Hees, de leidsman van dienst is onze donateur scheidsrechter Johan Jensch. We zochten hem nog even op en stelde enkele vragen.

Hoi Johan, je bent de leidsman van dienst. Gaat er, ondanks dat je divisiewedstrijden hebt gefloten, nog iets door je heen als je zo’n beladen dorpsderby toegewezen krijgt? Of is het vooral: mooi, weer een prachtige pot om te fluiten?


Ja, een beladen wedstrijd leeft ook bij mij. Zeker als er veel publiek op afkomt, voel je dat het iets extra’s is. De sfeer en de entourage blijven altijd bijzonder, ook voor een scheidsrechter. Dat maakt het mooi om onderdeel van te zijn. Je weet dat er spanning op staat, dat het dorp meeleeft, en dat geeft toch een extra dimensie aan zo’n wedstrijd.


Je hebt, zoals gezegd, op hoog niveau wedstrijden geleid en beschikt over de nodige ervaring. Maakt een dorpskraker als deze je toch nog zenuwachtig, of overheerst vooral de gezonde spanning?


Zenuwachtig ben ik eigenlijk nooit. Gezonde wedstrijdspanning kan er zeker zijn, vooral omdat ik deze derby nog niet eerder heb mogen leiden. Dat zorgt voor een bepaalde focus. Maar die spanning zie ik vooral als iets positiefs: het houdt je scherp en zorgt ervoor dat je er vanaf minuut één volledig bij bent.


In dit soort wedstrijden lopen emoties vaak hoog op en gaat het spel soms meer op strijd dan op goed voetbal. Waar trek jij de grens in zo’n duel?


Eigenlijk bepalen de spelers in het begin zelf de grens. Je voelt in de eerste minuten al aan hoe zij erin zitten. In dit soort wedstrijden moet je ontspannen, maar ook scherp zijn. Als spelers merken dat jij duidelijk en rustig bent, helpt dat enorm. Vaak reguleert het spel zich dan vanzelf. Maar als het nodig is, moet je duidelijk zijn over wat wel en niet kan.


Sta jij bekend als een scheidsrechter die een stevig potje toelaat, of druk je juist vroeg je stempel om de wedstrijd onder controle te houden?


Ik probeer altijd zo onzichtbaar mogelijk te zijn en het spel te laten lopen. Voetbal is het mooist als spelers de ruimte krijgen om te voetballen. Maar als ik merk dat ze niet goed met die vrijheid omgaan, dan moet ik op de rem trappen en het tijdelijk wat korter houden. Zodra ik het gevoel heb dat er weer controle is, geef ik die ruimte ook weer terug.


De KNVB heeft de regel ingevoerd dat alleen de aanvoerder met de scheidsrechter mag communiceren. Hanteer jij die regel strikt tijdens zo’n wedstrijd?


Er is bij mij altijd ruimte voor emoties, zolang dat respectvol gebeurt. Voetbal is emotie, dat hoort erbij. Maar als het gepaard gaat met geschreeuw, gebaren of respectloos gedrag, dan probeer ik dat direct in te dammen. In sommige gevallen zal dat ook met een kaart moeten. Duidelijkheid en respect zijn voor mij daarin de sleutelwoorden.


Wat geef jij de aanvoerders standaard mee tijdens het moment voorafgaand aan de aftrap? En zeg je in een ‘beladen’ dorpsderby nog iets extra’s?


Ik vraag de aanvoerders altijd om scherp te zijn op medespelers die overdreven reageren of hun emoties te heftig tonen. Zij hebben een belangrijke rol in het bewaken van de rust binnen het team. Daarnaast vraag ik hen mij rustig en respectvol te benaderen, zodat zij het goede voorbeeld geven. In een beladen derby benadruk ik dat misschien net iets extra, juist omdat de emoties wat sneller kunnen oplopen.

In een wedstrijd tussen twee ploegen uit één dorp, met veel publiek langs de lijn, kan de sfeer intens zijn. Hoe zorg jij ervoor dat je gefocust blijft op je eigen taak? En wat geef je je assistenten mee, die ook onder druk komen te staan?


Ik heb inmiddels veel ervaring met derby’s waar veel publiek langs de kant staat, dus die sfeer helpt mij juist om extra scherp te zijn. Voor mij draait het om focus op het veld en goede communicatie binnen het team. Mijn assistenten vraag ik om scherp te blijven en zich niet te laten beïnvloeden door het publiek. Samen vormen we één team en steunen we elkaar waar nodig.


Verwacht je dat zo’n wedstrijd lastiger te leiden is dan een ‘gewone’ competitiewedstrijd, of blijft het in jouw ogen uiteindelijk gewoon 22 spelers en een bal?


“Lastiger” vind ik misschien een groot woord. Je moet je goed inleven in zo’n duel, ruimte geven aan emoties en tegelijkertijd scherp blijven. Omdat spelers elkaar vaak goed kennen, moet je niet op alle slakken zout leggen. Als ik ontspannen overkom, straal ik dat ook uit naar de spelers. Uiteindelijk blijven het inderdaad 22 spelers en een bal, maar wel met een extra lading.


Wat is voor jou persoonlijk de grootste uitdaging in een topwedstrijd als deze?


De grootste uitdaging is dat iedereen zich gedraagt en we met elkaar zorgen voor een spannende, maar vooral sportieve wedstrijd. Als spelers, staf en publiek genieten, en het duel op een positieve manier wordt beslist, dan geeft dat mij als scheidsrechter ook veel voldoening.


Heb je zaterdagochtend nog een vast ritueel voordat je naar een wedstrijd afreist?


Nee, ik heb geen vaste rituelen voor een wedstrijd. Ik bereid me goed voor, zorg dat alles op orde is en ga met een frisse en positieve instelling op pad.


Tot slot, wanneer stap jij na afloop tevreden van het veld bij een derby als Hees – SO Soest?


Als mijn kaarten in mijn zak zijn gebleven en ik na afloop van beide teams gewoon een hand krijg, dan ben ik tevreden. Dat betekent meestal dat het een sportieve wedstrijd is geweest waarin iedereen zijn verantwoordelijkheid heeft genomen. Dat is uiteindelijk waar je het voor doet.

Opmerkingen


bottom of page