Eddy Willemsen( trainer SVMM 2026-2027) aan het woord
- 8 apr
- 5 minuten om te lezen
Eddy staat komend seizoen voor een nieuwe, maar zeker niet onbekende uitdaging. Na eerdere periodes bij onder andere VIOD, De Posthoorn en Eemboys keert hij terug als hoofdtrainer in het amateurvoetbal, waar hij de dynamiek en valkuilen van de lagere klassen als geen ander kent. Juist bij dit soort clubs komt er meer kijken dan alleen het voetbal, het samenstellen van een evenwichtige selectie, omgaan met blessures en schorsingen en het bouwen aan continuïteit zijn belangrijke factoren voor succes.
Met zijn ervaring en kennis van wat er rondloopt in de lagere klassen, weet Eddy bovendien goed waar de kwaliteiten en mogelijkheden liggen. Dat kan een belangrijke factor zijn in het vormen van een sterke en brede selectie. Maar hoe kijkt hij zelf naar de huidige situatie en de mogelijkheden richting het nieuwe seizoen? Heeft hij het vertrouwen dat er een groep staat die sterk genoeg is om tegen een stootje te kunnen, en hoe wil hij daar verder invulling aan geven? In de volgende vragen gaan we daar dieper op in.

Je hebt inmiddels de nodige ervaring opgedaan als trainer, van de jeugd van SV Spakenburg tot aan het eerste elftal van VIOD en recent nog bij IJsselmeervogels 2. Kun je ons meenemen in die weg als trainer? Hoe hebben juist die ervaringen jou gevormd en wat heb je in die verschillende omgevingen geleerd, met name over het werken in de lagere klassen?
Klopt, in het verleden heb ik jarenlang de jeugd van SV Spakenburg getraind. Daarna kreeg ik de kans om het eerste elftal van VIOD te gaan trainen. Als beginnende, jonge trainer wist ik toen eigenlijk niet zo goed wat ik kon verwachten, maar we werden direct kampioen. Dat jaar liet mij zien dat de wil om te leren en te strijden voor resultaat juist in de lagere klassen enorm groot is. Vorig jaar werd ik, na Eemboys, gevraagd om het tweede van IJsselmeervogels te gaan doen. Ik kon geen nee zeggen, een enorme uitdaging bij een top amateurvereniging en ook nog eens in mijn eigen woonplaats, al met al leer je op alle niveaus als trainer.

Je hebt onder andere gewerkt bij Spakenburg O23, een omgeving waarin spelers vaak dromen van een stap naar het eerste elftal. Dit seizoen ben je actief bij IJsselmeervogels 2, maar daar stop je na dit seizoen. Wat heeft je doen besluiten om die keuze te maken? Was een rol als assistent-trainer binnen de club nog een optie, of is dat nooit concreet ter sprake gekomen? SVMM heeft ook jeugdteams waar spelers mogelijk kunnen aansluiten. Heb je de betere talenten al in beeld, of is dat iets waar je je aan het einde van het seizoen meer in gaat verdiepen?
Ik kwam er bij IJsselmeervogels achter dat ik, ondanks de grootte en professionaliteit van de club, toch het coachen van een eerste elftal het leukst vind. Wel lag en ligt mijn voorkeur bij een club met een dorps karakter. Gaan voor resultaat en na afloop een biertje drinken is waar we voor staan. SVMM kwam op mijn pad en al na het eerste gesprek had ik een goed gevoel. Er volgden nog twee gesprekken, waarvan één met de spelers, en het voelde van beide kanten goed en vertrouwd. SVMM is een club met een duidelijke visie, waarbij plezier, maar ook prestatie belangrijk is. Belangrijk voor mij was ook de mogelijkheid voor doorstroom vanuit de jeugd. De accommodatie en trainingsfaciliteiten zijn uitstekend. Het is goed om in de voorbereiding te kijken hoe we instroom kunnen inpassen, maar doorstroom vanuit de eigen jeugd heeft mijn voorkeur.
Je maakt, zoals gezegd, de stap terug naar een lager niveau. Hoe kijk je zelf naar het verschil in intensiteit en beleving en zie je het als een uitdaging om die omschakeling opnieuw te maken? Neem aan dat het anders wordt qua trainingsintensiteit. Ben je niet bang dat je onbewust te veel gaat vragen van spelers die op een ander niveau acteren? In hoeverre ga je jouw trainingsmethodes aanpassen aan de groep waarmee je gaat werken?
Natuurlijk besef ik goed de verschillen tussen clubs op dit niveau en de hogere niveaus. Dat is ook normaal en je kunt die niet met elkaar vergelijken. Maar als je aan het begin van het seizoen duidelijke, wederzijdse afspraken maakt, kom je ook minder snel voor verrassingen te staan. Dat heeft feitelijk niets met niveau te maken. Iedereen zal daarin zijn verantwoordelijkheid moeten pakken en dezelfde koers moeten varen. Bij Spakenburg O23 was veel talent aanwezig en droomde men van het eerste elftal, maar met alleen talent red je het niet. Het gaat om een mix van kwaliteit en karakter. Dat is ook wat we nodig hebben om resultaat te behalen, en die mix zorgde er destijds voor dat we met VIOD kampioen werden.
Nu je al langere tijd actief bent als trainer, merk je dat je zelf ook veranderd bent in je aanpak? Denk aan communicatie met spelers, het bieden van rust en duidelijkheid en het managen van een groep. Bij een club als IJsselmeervogels kun je vaak directer en veeleisender zijn, gezien het prestatieniveau. Bij SVMM zul je volgens velen een andere benadering moeten hanteren. Is dat ook jouw besef, of denk je dat juist directheid ook op een lager niveau goed werkt?
Door het coachen bij diverse clubs en op verschillende niveaus zijn we in de loop der jaren ook anders gaan coachen. Tactisch zullen we zeker kijken naar de mogelijkheden binnen SVMM, maar Moessie (assistent) en ik vinden de mens achter de speler belangrijker. Dat is een wijze les die ik ooit van een trainer heb meegekregen en nooit ben vergeten. We houden van duidelijke en eerlijke communicatie en verwachten dat iedereen zich aan de afspraken houdt, zowel binnen als buiten het veld. En na afloop kan die kist bier gewoon de kleedkamer in. Dit heeft naar mijn mening niet zoveel met niveau te maken. SVMM doet het dit jaar goed en dat willen we volgend seizoen continueren. Misschien zullen wij met onze achtergrond de club en spelers anders benaderen dan men gewend is, maar we gaan de ziel van de club niet veranderen. Ik heb ook gemerkt dat spelers op dit niveau openstaan voor veranderingen en zelfreflectie, iets waar de top van het amateurvoetbal nog veel van kan leren. Uiteraard hebben spelers ook hun eigen inbreng, waardoor je soms tussentijds moet bijsturen.
Wat is straks in de winterstop het belangrijkste meetpunt om te beoordelen of SVMM zich ontwikkelt zoals jij voor ogen hebt? En waaraan mogen supporters en mensen binnen de club dat concreet herkennen in het spel?
In de winterstop hopen we een eerste balans op te maken. Gezien de huidige stand van SVMM gaan we voor de bovenste plaatsen, maar je bent van veel factoren afhankelijk en blessures en een beetje geluk spelen daarin ook een rol. De trainingsintensiteit zal, zeker in het begin van het seizoen, hoog zijn en we zullen veel vragen van de spelers. We blijven tussentijds aan de knoppen draaien en spelers hebben daarin ook inspraak. We moeten het uiteindelijk samen doen. De ervaring leert dat fitheid in deze klasse erg belangrijk is. We zullen per wedstrijd kijken hoe we spelen, maar waar mogelijk houden we van aanvallend en verzorgd voetbal. Bovenal moet het met plezier en passie gebeuren. Die jongens moeten met plezier naar de club komen. Wij hebben er zin in!



Opmerkingen