top of page

Eric Heerings (VVZA), trainer aan het woord

  • 16 uur geleden
  • 10 minuten om te lezen

Hij speelde in de jeugdopleiding van Ajax samen met jongens die later de Champions League wonnen, uitgroeiden tot vaste internationals en schitterden op de grootste voetbalpodia. Of Eric Heerings diezelfde weg had kunnen bewandelen, zal altijd een vraag blijven. Door chronische klachten kwam er al op jonge leeftijd een einde aan zijn droom als profvoetballer. Toch bleef hij het voetbal trouw en bouwde hij een indrukwekkende loopbaan op als trainer. Inmiddels gaat de ervaren oefenmeester zijn derde seizoen in bij VVZA. Tijd voor een open en uitgebreid gesprek over Ajax, zijn trainerscarrière, voetbalvisie en zijn ambities met de Amersfoortse club.

Hoi Eric, wil je jezelf eerst eens voorstellen aan de volgers van Voetbal Midden Nederland?


Ik ben Eric Heerings, 63 jaar oud en een geboren Amsterdammer. Tegenwoordig woon ik in Spakenburg, samen met mijn partner Lizeth en haar dochter Femke. Mijn eigen kinderen zijn Kai en Ebyan. Naast het trainen en coachen werk ik in de beveiliging.


Je hebt tien jaar in de jeugdopleiding van Ajax gespeeld. Er wordt vaak gezegd dat het daar een keiharde wereld is. Hoe heb jij die periode zelf beleefd en wat heeft die tijd jou uiteindelijk als mens én als trainer meegegeven?


Ik noem het eerder een veeleisende dan een harde omgeving. Bij Ajax draaide alles om presteren en jezelf iedere dag verder ontwikkelen. Niet iedereen redde het, maar juist daardoor leer je al op jonge leeftijd omgaan met druk en het maximale uit jezelf te halen. Die mentaliteit heeft mij als mens gevormd en neem ik als trainer nog iedere dag mee.


Op jonge leeftijd kwam er een einde aan jouw actieve voetbalcarrière. Kun je vertellen wat er precies gebeurde, hoe moeilijk het was om die droom zo vroeg los te moeten laten en of je later ooit nog hebt geprobeerd om terug te keren als speler?


Ik moest helaas al op jonge leeftijd stoppen vanwege chronisch ontstoken achillespezen. Dat was natuurlijk een enorme teleurstelling en een harde streep door mijn droom als voetballer. Ik volgde destijds het CIOS, het huidige mbo Sport & Bewegen, waardoor ik veel op verschillende ondergronden trainde. Dat hielp mijn achillespezen zeker niet. Het voordeel was wel dat ik direct mijn UEFA A-diploma behaalde. Daardoor verliep de overstap van speler naar trainer eigenlijk heel natuurlijk en kon ik mijn passie voor het voetbal op een andere manier voortzetten.


Heeft het feit dat je zelf door een blessure noodgedwongen moest stoppen invloed gehad op de manier waarop jij later als trainer met geblesseerde spelers omging?


Absoluut. Maar eigenlijk vind ik dat iedere trainer daar oog voor moet hebben. Voor een speler verandert er ineens heel veel wanneer hij buiten de groep aan zijn herstel moet werken. Het minste wat je dan kunt doen, is contact houden en ervoor zorgen dat hij zich onderdeel van het team blijft voelen. Doordat ik zelf aan de kant heb gestaan door een blessure, begrijp ik ook veel beter welke mentale impact dat heeft. Je leert beter luisteren naar de signalen van spelers en toont automatisch meer begrip. Tegelijkertijd verwacht ik wel dat een speler er alles aan doet om zo goed en zo snel mogelijk weer fit te worden.


Je hebt jarenlang verschillende clubs in de regio Amsterdam en Zaandam getraind. Heb je in die periode ook weleens overwogen om buiten die regio als trainer aan de slag te gaan, of hebben er aanbiedingen gelegen waar je uiteindelijk niet op bent ingegaan?


In die periode lag mijn focus vooral op Noord-Holland. Ik heb daar bij fantastische clubs mogen werken, op een goed niveau en met veel mooie regionale rivaliteit. Met OFC Oostzaan kwamen we bovendien door het hele land, waardoor ik toch ook buiten de regio veel ervaring heb opgedaan.

Je hebt ooit gezegd dat je vroeger een veel strengere trainer was. Waarin ben jij in de loop der jaren veranderd en welke ervaringen hebben ervoor gezorgd dat je tegenwoordig anders voor een groep staat?


Vroeger zat ik veel korter op mijn spelers en verwachtte ik eigenlijk dat iedereen hetzelfde dacht en handelde als ik. Door de jaren heen, en door met veel verschillende types spelers te werken, heb ik geleerd dat mensenkennis, rust en communicatie minstens zo belangrijk zijn. Je leert maatwerk te leveren zonder de controle te verliezen. Bovendien ben ik spelers steeds meer de ruimte gaan geven om hun specifieke kwaliteiten optimaal te benutten. Uiteindelijk is trainerschap echt een ervaringsvak. Hoe langer je meeloopt, hoe beter je leert omgaan met alle verschillende persoonlijkheden binnen een selectie.


Je hebt op verschillende niveaus gewerkt, van het divisievoetbal tot nu een lagere klasse. Wat vraagt ieder niveau volgens jou van een trainer?


In het divisievoetbal draait alles om de details. Het tempo ligt hoger, de fysieke belasting is groter en ook tactisch wordt er veel meer gevraagd. In de lagere klassen moet je als trainer juist veel flexibeler en creatiever zijn. Je hebt te maken met andere randvoorwaarden en spelers die voetbal combineren met werk, studie of gezin. Dat moet je accepteren. De uitdaging is vervolgens om, binnen die mogelijkheden, toch het maximale uit een groep te halen zonder je eigen voetbalvisie volledig los te laten.


Voor zover ik weet heb je, voordat je bij VVZA instapte, ongeveer een half jaar bewust geen club getraind. Hoe heb je die periode beleefd? Heb je eindelijk tijd kunnen maken voor dingen waar je anders nooit aan toekwam, of merkte je juist al snel dat het trainersvak toch bleef kriebelen en je het voetbal simpelweg miste?


Er kwam in eerste instantie vooral wat meer rust. Bij mijn vorige club in Zaandam was ik iedere training drie kwartier onderweg heen en ook weer terug. Alleen al daardoor hield ik ineens veel meer tijd over. Toch merkte ik al snel dat ik vooral de voorbereiding op een nieuw seizoen miste. Dat is voor mij misschien wel de belangrijkste periode van het jaar. Daar steek ik normaal gesproken veel tijd in, omdat je in die weken de basis legt voor het hele seizoen.


Want in januari 2025 begon je aan je trainersklus bij VVZA. Hoe kwam het eerste contact tussen jou en de club tot stand, hoe verliepen de gesprekken en wat gaf uiteindelijk de doorslag om jouw sabbatical aan de kant te schuiven en voor VVZA te kiezen?


Dat ging eigenlijk heel spontaan. Ik las toevallig een bericht waarin stond dat VVZA en de toenmalige trainer uit elkaar waren gegaan. Mijn eerste gedachte was: ik stuur gewoon een mail waarin ik mezelf voorstel en aangeef dat het me leuk lijkt om eens met elkaar in gesprek te gaan. Nog diezelfde dag werd ik gebeld door Edwin en een dag later zaten we al aan tafel. Vanaf het eerste gesprek voelde het eigenlijk meteen goed. Er was een klik en uiteindelijk was dat voor mij de doorslag om mijn trainersloopbaan weer op te pakken.


Een trainer is natuurlijk niet 24 uur per dag met voetbal bezig. Hoe ziet Eric Heerings eruit buiten het voetbal? Welke hobby's of bezigheden geven jou ontspanning en hoe laad jij jezelf weer op?


Ik ben graag actief, maar vooral samen met mijn gezin en familie. Skiën, golfen, op vakantie gaan of een dag met de boot het water op; dat zijn de momenten waarop ik echt kan ontspannen. Juist door af en toe even afstand te nemen van het voetbal laad ik mezelf weer op voor een nieuw seizoen of een nieuwe trainingsweek.

Je gaat inmiddels je derde seizoen in bij VVZA. Hoe zou jij de club omschrijven aan iemand die VVZA niet kent en waardoor voel jij je hier inmiddels zo thuis?


VVZA is een warme, hechte en gezellige vereniging waar prestatie en plezier echt hand in hand gaan. Het verenigingsgevoel is enorm sterk en dat voelde ik eigenlijk vanaf het eerste moment dat ik binnenkwam. Daarnaast voel ik veel waardering vanuit de hele club. Dat maakt het natuurlijk prettig werken. Je merkt dat iedereen hetzelfde doel voor ogen heeft en samen de schouders eronder wil zetten. Dat zorgt ervoor dat ik me hier echt thuis voel.


Inmiddels ben je dus alweer een tijdje werkzaam in de regio Amersfoort. Welke verschillen vallen jou het meest op ten opzichte van het werken in Noord-Holland? Is de beleving op en rond het veld anders en merk je ook verschil in de entourage, de supporters en de derde helft?


De sfeer is in de regio Amersfoort over het algemeen iets gemoedelijker dan in Noord-Holland. Dat betekent overigens niet dat de wil om te winnen minder groot is, want ook hier leeft het voetbal enorm.

Juist de derby's en de betrokkenheid van supporters maken het voetbal hier ontzettend mooi. Je merkt dat veel mensen elkaar kennen en dat geeft wedstrijden net iets extra's. Dat maakt het werken in deze regio heel plezierig.


De voorbereiding is inmiddels begonnen. Hoe kijk jij naar de huidige selectie? Heb je afscheid moeten nemen van spelers die je liever had behouden of ben je juist tevreden over hoe de selectie er nu voor staat? En op welke onderdelen verwacht je dat deze groep zich ten opzichte van vorig seizoen verder gaat ontwikkelen?


De grootste winst is dat we de selectie voor zo'n 98 procent bij elkaar hebben weten te houden. Dat geeft rust en zorgt ervoor dat we verder kunnen bouwen op de basis die we de afgelopen seizoenen hebben gelegd. Daarnaast ben ik erg tevreden over de nieuwe spelers. Zowel de jongens die zichzelf hebben aangemeld als de spelers die wij hebben benaderd, passen goed binnen de groep. Ook het aantal selectiespelers is flink toegenomen. Dat zegt wel iets over hoe VVZA inmiddels weer op de kaart staat en daar ben ik heel blij mee. Natuurlijk zijn we ook een paar spelers kwijtgeraakt. Vooral het vertrek van drie jonge jongens vind ik jammer. Zij wilden toch liever in een Onder 19-team spelen en die mogelijkheid hebben wij helaas niet meer. Dan begrijp ik hun keuze ook.


Het AVK staat weer voor de deur. Jij hebt dat toernooi inmiddels van dichtbij meegemaakt. Hoe beleef jij het AVK als trainer en wat maakt dit toernooi volgens jou zo bijzonder voor spelers, trainers, clubs en supporters in de regio?


Het AVK is een geweldig toernooi en leeft enorm in de regio Amersfoort. Bij spelers, trainers, supporters en eigenlijk bij iedereen die het amateurvoetbal een warm hart toedraagt. Voor mij komt tijdens het AVK alles samen wat voetbal zo mooi maakt: de rivaliteit, de derby's, de underdog die de favoriet probeert te verrassen, de volle sportparken en de vele supporters langs de lijn. Het is gezellig, iedereen kent elkaar en tegelijkertijd wil niemand verliezen. Dit jaar mogen wij als VVZA het toernooi organiseren. Dat is iets waar we als vereniging trots op zijn. Ik hoop dat we er met elkaar een prachtig AVK van maken, zowel organisatorisch als sportief.


Iedere trainer heeft zijn eigen voetbalvisie en identiteit. Voor welk type voetbal sta jij en in hoeverre kun jij die visie binnen VVZA volledig uitvoeren? Of vraagt het niveau waarop je werkt soms ook om andere keuzes dan wanneer je op divisieniveau werkt? Hoe zoek jij daarin de juiste balans zonder je eigen identiteit als trainer te verliezen?


Ik sta voor realistisch, maar wel initiatiefrijk voetbal. Mijn voorkeur gaat uit naar een 1-4-3-3-systeem, waarin we zelf het initiatief proberen te nemen. Binnen VVZA probeer ik die spelprincipes zoveel mogelijk terug te laten komen. Tegelijkertijd moet je als trainer ook realistisch blijven. Soms vraagt een wedstrijd of de beschikbaarheid van spelers om aanpassingen. Dat hoort erbij. Je moet vasthouden aan je eigen visie, maar ook flexibel genoeg zijn om het maximale uit je selectie te halen.


Als je de huidige generatie voetballers vergelijkt met de generatie waarmee jij zelf bent opgegroeid, zie je dat de balans tussen voetbal, werk, gezin en vrije tijd behoorlijk is veranderd. Hoe ga jij daar als trainer mee om? Heeft dat jouw manier van coachen en leidinggeven veranderd en waar ligt voor jou de grens tussen begrip tonen en toch de mentaliteit blijven verlangen die volgens jou bij selectievoetbal hoort?


De tijden zijn veranderd. Vroeger stond voetbal voor veel jongens met stip op één. Tegenwoordig moeten spelers een balans vinden tussen voetbal, werk, studie, gezin en allerlei andere verplichtingen. Daar heb ik zeker begrip voor en ik probeer daarin ook mee te denken. Maar zodra we op het trainingsveld of in de kleedkamer staan, verwacht ik honderd procent inzet en de mentaliteit die bij selectievoetbal hoort. Mijn grens is eigenlijk heel duidelijk. Wees op tijd, wees eerlijk en geef alles wat je op dat moment in huis hebt. Dan kun je mij altijd recht aankijken.


Even los van een eindklassering of een prijs. Aan welke doelstellingen wil jij komend seizoen vooral werken binnen deze selectie? Waar hoop je dat de ploeg aan het einde van het seizoen de grootste stap in heeft gezet?


Wij gaan dit seizoen voor promotie. En dat zeg ik niet als loze kreet. Ik vind echt dat wij als groep die verplichting hebben, vooral richting de club. VVZA investeert volop in de vereniging en doet er alles aan om de randvoorwaarden voor iedere leeftijdscategorie zo goed mogelijk te regelen. Dan hoort daar ook bij dat wij als eerste elftal ons steentje bijdragen. Natuurlijk willen we promoveren, maar minstens zo belangrijk vind ik dat we als team verder groeien en iedere week laten zien waar VVZA voor staat.

Nog even met een knipoog. Kai en Kevin van Kippersluis vormden eerder al ploeggenoten bij Ajax én op Cyprus. Dat had toch een prachtig duo kunnen zijn bij VVZA? Heb je ooit nog gedacht: "Ik waag gewoon een belletje en kijk wel waar het schip strandt", of was dat vanaf het begin een kansloze missie?


Haha. Natuurlijk heb ik Kai gebeld. Ik heb hem gewoon gezegd: "Mocht je nog een club zoeken, dan heb ik hier nog wel een plekje voor je." We hebben daar best serieus over gesproken. Sterker nog, als Kai was gekomen, was de kans groot geweest dat er nog twee of drie spelers zouden aansluiten die hem goed kennen of met hem hebben samengespeeld. Uiteindelijk vond hij de afstand naar VVZA toch net iets te groot. Dat is jammer, maar ook heel begrijpelijk.


Tot slot. Je hebt jarenlang deel uitgemaakt van de jeugdopleiding van Ajax en speelde samen met spelers die later internationale carrières maakten. Heb je nog contact met oud-teamgenoten of mensen binnen Ajax, of is dat in de loop der jaren verwaterd? En als je terugdenkt aan die periode, welke herinnering roept nog altijd als eerste een glimlach op?


Zoals dat vaak gaat, verwateren contacten na verloop van tijd. Maar het mooie is dat wanneer je elkaar weer tegenkomt, de klik er meteen weer is. Laatst sprak ik Frank Rijkaard nog en tijdens een trainerscursus kwam ik Gerald Vanenburg weer tegen. Binnen een paar minuten haal je samen alle mooie herinneringen van vroeger op. Het voelt dan alsof de tijd helemaal heeft stilgestaan. Dat zijn toch de momenten die je altijd bijblijven.

Opmerkingen


bottom of page